Besluit van 21 september 1981, houdende uitvoering van de artikelen 1, eerste lid, onder b, en vierde lid, 4, derde en vierde lid, en 4a van de IJkwet 1937 (Stb. 627)

Eenhedenbesluit 1981

Wij Beatrix, bij de gratie Gods, Koningin der Nederlanden, Prinses van Oranje-Nassau, enz. enz. enz.
Op de voordracht van Onze Minister van Economische Zaken van 7 augustus 1981, no. 681/683 W.J.A.;
De Raad van State gehoord (advies van 11 september 1981, no. 810909/18);
Gezien het nader rapport van de Staatssecretaris van Economische Zaken, P. H. van Zeil, van 17 september 1981, no. 681/849 W.J.A.;

Hebben goedgevonden en verstaan:

§

1

Begripsomschrijvingen

Artikel

1

Voor de toepassing van het bij of krachtens dit besluit bepaalde wordt verstaan onder:

wet: de IJkwet (Stb. 1989, 10);

bij de wet aangewezen eenheden of eenheden, aangewezen bij de wet: de eenheden, bedoeld in artikel 1, eerste lid, onder a, van de wet.

§

2

Definitief erkende eenheden

Artikel

2

Artikel

3

Artikel

4

Artikel

5

§

3

Benamingen van grootheden

Artikel

6

Artikel

7

§

4

Tijdelijk erkende eenheden

Artikel

8

Vervallen

Artikel

9

Artikel 8 vervalt met ingang van 1 januari 1986.

§

5

Slotbepalingen

Artikel

10

Het Eenhedenbesluit (Stb. 1968, 673) wordt ingetrokken.

Artikel

11

Dit besluit kan worden aangehaald als: Eenhedenbesluit 1981.

Artikel

12

Dit besluit treedt in werking met ingang van 1 oktober 1981.

Lasten en bevelen dat dit besluit met de daarbij behorende nota van toelichting in het Staatsblad zal worden geplaatst en dat daarvan afschrift zal worden gezonden aan de Raad van State.

's-Gravenhage
Beatrix
De Staatssecretaris van Economische Zaken, P. H. van Zeil
De Minister van Justitie, J. de Ruiter