Mandaatbeschikking Overgangsregeling illegale buitenlandse werknemers

De Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid,
Overwegende dat het, ter bespoediging van de afhandeling van tewerkstellingsvergunningsaanvragen in het kader van de Overgangsregeling illegale buitenlandse werknemers (Stcrt. 1980, 86), wenselijk is tot een ruimere mandaatverlening van beschikkingsbevoegdheid over te gaan.

Besluit:

Artikel

1

Beschikkingen die krachtens artikel 17 van de Wet arbeid buitenlandse werknemers worden gegeven op een bezwaarschrift tegen een beslissing op een aanvraag tewerkstellingsvergunning welke is ingediend in het kader van de Overgangsregeling illegale buitenlandse werknemers kunnen, in afwijking van artikel 2, vierde lid, van de Mandaatbeschikking Wet arbeid buitenlandse werknemers (Stcrt. 1979, 188), vanaf 1 juni 1981 namens de Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid worden vastgesteld en ondertekend door:

  • a.

    de Directeur-Generaal voor de Arbeidsvoorziening;

  • b.

    het Hoofd van de Hoofdafdeling Internationale arbeidsmarktzaken en Emigratie.

Artikel

2

De in artikel 1 omschreven bevoegdheid gaat, in geval van afwezigheid van de daar genoemde ambtenaren, voor de duur hiervan over op hun plaatsvervangers.

Artikel

3

Dit besluit, dat kan worden aangehaald als ‘Mandaatbeschikking Overgangsregeling illegale buitenlandse werknemers’, wordt in de Staatscourant bekendgemaakt.

's-Gravenhage
De Minister voornoemd, J. M. denUyl