Regeling afkoop landinrichtingsrente c.a.

De staatssecretaris van Financiën,
Gelet op de artikelen 115, derde lid, van de Reconstructiewet Midden-Delfland (Stb. 1977, 233), 134, derde lid, van de Herinrichtingswet Oost-Groningen en Gronings-Drentse Veenkoloniën (Stb. 1977, 694) en 230, derde lid, van de Landinrichtingswet (Stb. 1985, 299);

Besluit:

Artikel

1

Afkoop van reconstructierente, herinrichtingsrente of landinrichtingsrente, geschiedt op verzoek van degene die renteplichtig is. Het verzoek wordt gedaan bij de inspecteur onder wie de plaats ressorteert waar het kadastrale perceel is gelegen ter zake waarvan de rente wordt geheven en wel op een daartoe door die inspecteur beschikbaar gesteld formulier.

Artikel

2

Het kalenderjaar van afkoop is, ingeval het in artikel 1 bedoelde verzoek ter inspectie is ingekomen:

  • a.

    vóór of op 1 juli van enig kalenderjaar: dat kalenderjaar;

  • b.

    na 1 juli van enig kalenderjaar: het daaropvolgende kalenderjaar.

Artikel

3

De rente bij afkoop beloopt:

26

16,656

25

16,260

24

15,850

23

15,428

22

14,983

21

14,526

20

14,053

19

13,562

18

13,054

17

12,527

16

11,981

15

11,416

14

10,830

13

10,222

12

9,593

11

8,940

10

8,264

9

7,564

8

6,838

7

6,088

6

5,307

5

4,499

4

3,662

3

2,795

2

1,896

1

0,965

Artikel

4

's-Gravenhage
De staatssecretaris van Financiën, H. E.Koning