Instellingsbesluit MAR

De minister van Binnenlandse Zaken,
Overwegende dat het, gezien het besluit van de ministerraad van 31 augustus 1984 tot vergroting van de mobiliteit van ambtenaren in beleids-, staf- en algemene beheersfuncties ingedeeld in de hoofdgroepen V en VI van het Bezoldigingsbesluit Burgerlijke Rijksambtenaren 1984, wenselijk is een interdepartementale instantie in te stellen ter bevordering van de interdepartementale mobiliteit van ambtenaren;

Besluit:

Artikel

2

Er is een Mobiliteitsadviesraad Rijksdienst (MAR).

Artikel

3

Artikel

4

Artikel

5

Artikel

6

De MAR bevordert de wederzijdse afstemming van zijn werkzaamheden en die van andere adviesorganen, wier taken op aanverwante gebieden liggen.

Artikel

7

De MAR brengt jaarlijks aan de minister van Binnenlandse Zaken verslag uit over zijn werkzaamheden en over ontwikkelingen betreffende de bevordering van een doelmatige mobiliteit als bedoeld in artikel 3, eerste lid.

Artikel

8

Vijf jaar na instelling van de MAR wordt op basis van een evaluatie van de resultaten van zijn werkzaamheden besloten over voortzetting van de MAR en eventuele wijziging van zijn taak, samenstelling en werkwijze.

Artikel

9

Dit besluit kan worden aangehaald als: Instellingsbesluit MAR. Het treedt in werking met ingang van 1 juni 1986.

Dit besluit zal met de toelichting worden gepubliceerd in de Nederlandse Staatscourant: afschrift ervan zal worden gezonden aan de ministers en staatssecretarissen en aan de Algemene Rekenkamer.

's-Gravenhage
De minister van Binnenlandse Zaken, R. deKorte