Besluit van 5 mei 1988, houdende toelageregeling bepaalde functies Eerste Kamer der Staten-Generaal

Besluit toelageregeling Eerste Kamer

Wij Beatrix, bij de gratie Gods, Koningin der Nederlanden, Prinses van Oranje-Nassau, enz. enz. enz.
Op de gemeenschappelijke voordracht van Onze Minister-President, Minister van Algemene Zaken van 26 april 1988, nr. 88M003806I en van Onze Minister van Binnenlandse Zaken van 21-4-1988, nr. AB87/988 DGMP/AV;
Overwegende, dat bepaalde functies bij de Eerste Kamer van de Staten-Generaal, gelet op de aard van de werkzaamheden van die Kamer een vergadergebonden karakter dragen, hetgeen betekent, dat op meer dan incidentele wijze onregelmatige diensttijden voorkomen, terwijl daarnaast ook nog andere inconveniënten worden ondervonden;

Hebben goedgevonden en verstaan:

Artikel

1

Voor de toepassing van dit besluit wordt verstaan onder:

bezoldigingsbesluit: het Bezoldigingsbesluit Burgerlijke Rijksambtenaren 1984

salarisreeks: de salarisreeks aangegeven in bijlage 1 bij dit besluit

ambtenaar: de persoon, die krachtens aanstelling of arbeidsovereenkomst naar burgerlijk recht in dienst is bij de Eerste Kamer der Staten-Generaal

bevoegd gezag: het krachtens het Ambtenarenreglement Staten-Generaal tot aanstellen bevoegd gezag

Artikel

2

Artikel

3

Artikel

4

Een ambtenaar die een toelage bedoeld in dit besluit geniet, heeft geen aanspraak op de toelage als bedoeld in artikel 17, eerste tot en met derde lid van het bezoldigingsbesluit.

Artikel

6

De in de artikel 2 genoemde toelage wordt geacht bezoldiging te zijn in de zin van het bezoldigingsbesluit.

Artikel

7

Dit besluit treedt in werking met ingang van de tweede dag na uitgifte van het Staatsblad waarin het wordt geplaatst en werkt terug tot en met 1 juni 1985.

Lasten en bevelen dat dit besluit met daarbij behorende nota van toelichting in het Staatsblad zal worden geplaatst en dat daarvan afschrift zal worden gezonden aan de Algemene Rekenkamer.

's-Gravenhage
Beatrix
De Minister President, Minister van Algemene Zaken, R. F. M. Lubbers
De Minister van Binnenlandse Zaken, C. P. van Dijk
De Minister van Justitie, F. Korthals Altes

Bijlage

I

Overzicht van toelagen, behorende bij het koninklijk besluit van 5 mei 1988 (Stb. 272), geldend vanaf 1 januari 1997 (toelage-regeling EK)

2 209

217

4 895

458

2 260

225

5 108

463

2 310

235

5 322

460

2 366

256

5 536

435

2 426

260

5 749

465

2 485

265

5 963

482

2 545

285

6 177

472

2 605

374

6 461

463

2 666

418

6 765

459

2 728

455

7 069

463

2 791

477

7 397

480

2 886

483

7 726

578

2 981

472

8 056

582

3 077

463

8 386

576

3 173

457

8 716

602

3 270

455

9 046

626

3 366

454

9 367

730

3 462

450

9 706

797

3 558

455

10 036

823

3 654

461

10 366

849

3 750

467

10 697

876

3 847

489

11 027

904

3 943

506

11 357

933

4 039

500

11 687

964

4 172

503

12 017

960

4 325

503

12 347

955

4 512

467

12 677

1 026

4 702

455

13 007

1 059

Bijlage

II

behorende bij het koninklijk besluit van 5 mei 1988, Stb. 272

plaatsvervangend griffier

assistent-griffier

chef griffie

plaatsvervangend chef griffie

medewerker griffie

secretaresse van de Voorzitter

hoofd afdeling bibliotheek

hoofd afdeling documentatie en voorlichting

medewerker afdeling bibliotheek

medewerker afdeling documentatie en voorlichting

comptabele

plaatsvervangend comptabele

chef typekamer

steno-typist(e)

kamerbeambte-telefonist

beveiligingsbeambte

kamerbewaarder

plaatsvervangend kamerbewaarder

conciërge

chef afdeling expeditie/archief

medewerker expeditie/archief

huishoudelijke hulp/kantinehulp

kamerbeambte/bode

voorvrouw huishoudelijke hulpen

plaatsvervangend voorvrouw huishoudelijke hulpen