Besluit algemene richtlijnen post

De minister van Verkeer en Waterstaat,
Gelet op artikel 5 van de Postwet (Stb. 1988, 522);

Besluit:

voor TPG N.V. de volgende algemene richtlijnen ten aanzien van het haar opgedragen postvervoer, zoals omschreven bij en krachtens de artikelen 2 en 2a van de Postwet, vast te stellen:

§

1

Definities

In dit besluit wordt verstaan onder:

a.
de houder van de concessie:

TPG N.V.;

b.
de wet:

de Postwet;

c.
de minister:

de minister van Verkeer en Waterstaat;

d.
postzendingen:

brieven en andere geadresseerde zendingen, als bedoeld in artikel 1, onder c, van de wet;

e.
het postvervoer:

het postvervoer, zoals omschreven bij en krachtens de artikelen 2 en 2a, jo artikel 1, van de wet;

f.
dienstverleningspunt:

plaats waar van de dienstverlening ter zake van het postvervoer gebruik kan worden gemaakt;

g.
loonsom:

loonsom werknemers marktsector of de verwachte loonsom werknemers marktsector zoals gehanteerd in de op het moment van schriftelijke aanmelding van een tariefwijziging laatst bekende formele publicatie van het Centraal Planbureau (CPB);

h.
arbeidsduur:

arbeidsduur of de verwachte arbeidsduur zoals gehanteerd in de op het moment van schriftelijke aanmelding van een tariefwijziging laatst bekende formele publicatie van het CPB;

j.
drukwerken:

bescheiden en schriftelijke mededelingen, al dan niet verpakt, die door toepassing van druk- of andere vermenigvuldigingstechnieken in een aantal geheel met elkaar overeenstemmende exemplaren ter verspreiding zijn vervaardigd en waarin, behoudens de adressering, geen bijvoegingen, doorhalingen of aanduidingen zijn aangebracht;

k.
postpakketten:

geadresseerde verpakte zendingen die in elk geval zaken, niet zijnde brieven of drukwerken, bevatten;

l.
richtlijn:

richtlijn nr. 97/67/EG van het Europees Parlement en de Raad van de Europese Unie van 15 december 1997 betreffende gemeenschappelijke regels voor de ontwikkeling van de interne markt voor postdiensten in de Gemeenschap en de verbetering van de kwaliteit van de dienst (PbEG 1998, L 15).

§

2

Dienstverlening

§

3

Geheimhouding

§

4

Algemene voorwaarden

§

5

Tarieven

§

6

Financiële aspecten

§

7

Informatieverstrekking

§

8

Overleg

§

9

Geschillen

Voor geschillen over de toepassing en de uitleg van de algemene voorwaarden is de houder van de concessie verplicht er voor zorg te dragen dat, ten behoeve van contracten die uitsluitend of hoofdzakelijk anders dan in de uitoefening van een beroep of bedrijf handelen, een geschillencommissie wordt ingesteld.

§

10

Diversen

's-Gravenhage
De minister voornoemd, N.Smit-Kroes

Bijlage

behorende bij het Besluit algemene richtlijnen post

De pakketten van diensten en de rekenregels, bedoeld in onderdeel 5.4 van het Besluit algemene richtlijnen post.

1. Omschrijving van de pakketten van diensten

1.1

Het totale pakket postdiensten

Het totale pakket omvat de volgende twee categorieën binnenlandse postzendingen en de postbussendienstverlening:

  • a.

    zes soorten losse postzendingen: brieven; drukwerken/monsters/briefkaarten/drukwerkkaarten; buspakjes; belpakjes; aangetekenden; zendingen met waardeaangifte en

  • b.

    één soort partijenpostzending: brieven tot 100 gram en

  • c.

    postbussendienstverlening.

1.2

Het kleingebruikerspakket postdiensten

Het kleingebruikerspakket omvat het gedeelte van het totale pakket, dat afkomstig is van particuliere en klein zakelijke gebruikers, die uitsluitend tegen de algemeen geldende voorwaarden en tarieven van de post gebruik maken. Het kleingebruikerspakket omvat:

  • a.

    zes soorten losse postzendingen: brieven; drukwerken/monsters/briefkaarten/drukwerkkaarten; buspakjes; belpakjes; aangetekenden; zendingen met waardeaangifte en

  • b.

    één soort partijenpostzending: brieven tot 100 gram en

  • c.

    postbussendienstverlening.

2. De rekenregels

2.1

Formule

De formule, bedoeld in onderdeel 5.4, onder c, van het Besluit algemene richtlijnen post, luidt:

waarbij voor CPBn geldt:

  • ay = de ontwikkeling van de arbeidsduur in jaar y

  • ly = de ontwikkeling van de loonsom in jaar y

  • Mjtn = tariefmutatie van dienst j op enig moment t in jaar n ten opzichte van het basisjaar

  • Wj = omzetaandeel behorende bij dienst j (omzet dienst j in het basisjaar, gedeeld door totale omzet van het pakket in het basisjaar)

  • n = jaar n

  • N = het aantal in een pakket opgenomen diensten

Bij de toepassing van de formule dient het bepaalde in onderdeel 2.2 in acht te worden genomen.

2.2

Het basistarief

Bij de toepassing van de in onderdeel 2.1 van deze bijlage opgenomen formule wordt uitgegaan van één tarief per soort postzending binnen de losse post en partijenpost: het zogenaamde basistarief.

  • Voor de losse post is het basistarief steeds het tarief voor de eerste (lichtste) gewichtstrap.

  • Voor partijenpost met staffeltarief wordt het basistarief berekend aan de hand van de tarieven voor de eerste (lichtste) gewichtstrap van de verschillende tarieflijnen, waarbij een weging plaatsvindt met het omzetaandeel per tarieflijn.

  • Voor post met een lineair tarief is het basistarief per tarieflijn het ongewogen gemiddelde tarief binnen de gewichtsklasse 0 tot 20 gram. Het basistarief voor diensten met een lineair tarief wordt berekend door het gewogen gemiddelde te nemen van de basistarieven van de betreffende tarieflijnen, waarbij de weging plaatsvindt met het omzetaandeel per tarieflijn.

    De berekening van het gemiddelde percentage tariefmutatie voor de hogere gewichten per soort postzending geschiedt als volgt:

  • voor de losse post wordt het ongewogen gemiddelde genomen;

  • voor de partijenpost met staffeltarief wordt dit percentage berekend door eerst per tarieflijn het ongewogen gemiddelde van de tariefmutaties van die tarieflijn te bepalen, waarna een weging van deze ongewogen gemiddelden plaats vindt met het omzetaandeel per tarieflijn, dat ook voor de berekening van het basistarief wordt gehanteerd;

  • voor post met een lineair tarief wordt dit percentage berekend door eerst per tarieflijn het ongewogen gemiddelde van de tariefmutaties van die tarieflijn te bepalen, waarna een weging van deze ongewogen gemiddelden plaats vindt met het omzetaandeel per tarieflijn, dat ook voor de berekening van het basistarief wordt gehanteerd. De tariefmutaties worden uitgerekend voor een aantal representatieve ijkpunten, te weten 25, 35, 45, 55, 65, 75, 85 en 95 gram, die samen het lineaire tarief vormen.

    Indien het gemiddelde percentage tariefmutatie van de zwaardere gewichtstrappen hoger is dan de procentuele mutatie van het basistarief, dan wordt dit laatste percentage bij de toepassing van de formule vervangen door het betrokken percentage tariefmutatie van de zwaardere gewichtstrappen.