Aanwijzing havens

De minister van Verkeer en Waterstaat,

Besluit:

Artikel

1

Als havens, bedoeld in artikel 7, eerste lid, van het Besluit voorkoming verontreiniging door vuilnis van schepen worden aangewezen:

  • 1.

    Alblasserdam;

  • 2.

    Amsterdam;

  • 3.

    Beverwijk;

  • 4.

    Breskens;

  • 5.

    Capelle aan de IJssel;

  • 6.

    Delfzijl;

  • 7.

    Den Helder;

  • 8.

    Den Oever;

  • 9.

    Dordrecht;

  • 10.

    Eemshaven;

  • 11.

    's-Gravendeel;

  • 12.

    Hardinxveld-Giessendam;

  • 13.

    Harlingen;

  • 14.

    Krimpen aan de IJssel;

  • 15.

    Lauwersoog;

  • 16.

    Maassluis;

  • 17.

    Moerdijk;

  • 18.

    Nieuw Lekkerland;

  • 19.

    Oudeschild;

  • 20.

    Papendrecht;

  • 21.

    Ridderkerk;

  • 22.

    Rotterdam;

  • 23.

    Scheveningen;

  • 24.

    Schiedam;

  • 25.

    Sliedrecht;

  • 26.

    Stellendam;

  • 27.

    Terneuzen;

  • 28.

    Urk;

  • 29.

    Vlaardingen;

  • 30.

    Vlissingen;

  • 31.

    West Terschelling;

  • 32.

    IJmuiden;

  • 33.

    Zaandam en

  • 34.

    Zwijndrecht.

Artikel

2

Deze regeling treedt in werking met ingang van 31 december 1988.

Deze regeling zal worden geplaatst in de Nederlandse Staatscourant.

's-Gravenhage
De minister van Verkeer en Waterstaat, N.Smit-Kroes