Artikel
1
In deze regeling wordt verstaan onder:
de minister van Economische Zaken;
de op 1 februari 1989 bestaande rechtspersoon, die blijkens zijn statuten als doel heeft de belangen te behartigen van de ondernemers die behoren tot eenzelfde bedrijfstak, daaronder niet begrepen de primaire landbouw en visserij, of een samenhangend deel daarvan, en die niet bedrijfsmatig werkzaam is;
de Commissie informaticastimulering bedrijfsleven, ingesteld bij beschikking van de staatssecretaris van Economische Zaken, A.J. Evenhuis, van 14 maart 1986, nr. 89007639;
samenhangend geheel van activiteiten in een of meer van de volgende categorieën:
-
1º.
het geven van voorlichting,
-
2º.
het opstellen van een branche-informatie-raamwerk,
-
3º.
het bevorderen van standaardisatie op gebruikersniveau,
-
4º.
het maken van een systeembeoordeling;
voorlichting aan groepen van ondernemers zowel omtrent de mogelijkheden van het gebruik van informatietechnologie ter verbetering van branchespecifieke bedrijfsprocessen als omtrent de wijze waarop de ondernemer een verantwoord besluit tot invoering van informatietechnologie in zijn bedrijf kan voorbereiden;
analyse en specificatie van de interne en/of externe informatiebehoefte met betrekking tot branchespecifieke bedrijfsprocessen van individuele ondernemingen ten behoeve van een verantwoorde besluitvorming over het ontwikkelen en invoeren van geautomatiseerde informatiesystemen;
toepassing van bestaande of in ontwikkeling zijnde nationale en internationale standaarden en normen op gebruikers- en applicatieniveau bij het ontwikkelen en het invoeren van geautomatiseerde informatiesystemen;
beoordeling van branchespecifieke geautomatiseerde informatiesystemen ten behoeve van een verantwoorde besluitvorming inzake het invoeren van dergelijke systemen door ondernemers;
een niet tot de brancheorganisatie behorende natuurlijke persoon of niet publiekrechtelijke rechtspersoon die bedrijfsmatig aan derden diensten aanbiedt;
de noodzakelijke, op basis van de door de minister goedgekeurde begroting, rechtstreeks aan de uitvoering van het stimuleringsproject toe te rekenen, door de brancheorganisatie aan een of meer externe bureaus verschuldigde kosten, uitgezonderd omzetbelasting indien de brancheorganisatie de haar in rekening gebrachte omzetbelasting geheel of gedeeltelijk in aftrek kan brengen op de door haar af te dragen omzetbelasting.