Besluit van 20 oktober 1989, houdende van toepassingverklaring van de artikelen 9 en 11 van de Veewet tot bestrijding van de ziekte van Aujeszky alsmede wijziging van het Besluit entstoffen voor dieren

Uitvoeringsbesluit ex artikel 9 Veewet

Wij Beatrix, bij de gratie Gods, Koningin der Nederlanden, Prinses van Oranje-Nassau, enz. enz. enz.
Op de voordracht van Onze Minister van Landbouw en Visserij van 4 september 1989, No. J. 895571, Directie Juridische en Bedrijfsorganisatorische Zaken;
Gelet op de artikelen 11 en 45 van de Veewet (Stb. 1920, 153);
De Raad van State gehoord (advies van 28 september 1989, No. W11.89.0530);
Gezien het nader rapport van Onze Minister van Landbouw en Visserij van 12 oktober 1989, No. J 899494, Directie Juridische en Bedrijfsorganisatorische Zaken;

Hebben goedgevonden en verstaan:

Artikel

2

Bevat wijzigingen in andere regelgeving.

Artikel

3

Indien het bij koninklijke boodschap van 15 maart 1989 ingediende voorstel van wet tot wijziging van de Veewet (ziekte van Aujeszky) tot wet wordt verheven en in werking treedt, treedt dit besluit op hetzelfde tijdstip in werking.

Lasten en bevelen dat dit besluit met daarbij behorende nota van toelichting in het Staatsblad zal worden geplaatst en dat daarvan afschrift zal worden gezonden aan de Raad van State.

's-Gravenhage
Beatrix
De Minister van Landbouw en Visserij, G. J. M. Braks
De Minister van Justitie, E. M. H. Hirsch Ballin