Instelling Commissie analyse asielprocedure en opvang asielzoekers

De staatssecretaris van Justitie,
Handelende in overeenstemming met het gevoelen van de Raad van ministers van 9 februari 1990;
Overwegende dat behoefte bestaat aan een analyse van de procedurele en praktische aspecten van de asielzoekersproblematiek in Nederland,

Besluit:

Instelling, taak en rapportage

Artikel

1

Er is een commissie analyse asielprocedure en opvang van asielzoekers, verder te noemen de commissie.

Artikel

2

De commissie heeft tot taak:

Het analyseren van de procedures van behandeling van aanvragen om asiel alsmede van de wijze van opvang van asielzoekers in Nederland met het oog op de doelmatigheid van de huidige werkwijze, gezien in het licht van de verplichtingen die voortvloeien uit het geldende internationale en nationale recht; het op grond van deze analyses doen van voorstellen om de procedures waar mogelijk doelmatiger en sneller te doen verlopen, met inbegrip van voorstellen voor het wegnemen van knelpunten door middel van wetswijziging.

Artikel

3

De commissie rapporteert uiterlijk 1 november 1990

Samenstelling

Artikel

4

De commissie is als volgt samengesteld:

a.
lid tevens voorzitter:

mr A. Mulder, oud lid van de Raad van State;

b.
leden:
  • prof.mr. C.A. Groenendijk, hoogleraar rechtssociologie aan de Katholieke Universiteit Nijmegen;

  • prof. mr. P. H. Kooijmans, hoogleraar volkenrecht aan de Rijksuniversiteit te Leiden;

  • drs. L. Lamers, voormalig Directeur-Generaal Sociale Zekerheid van het Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid;

  • prof. mr. H. Meijers, emeritus hoogleraar volkenrecht aan de Universiteit van Amsterdam;

  • ir. drs. W. J. Vrakking, buitengewoon hoogleraar Innovatie en Intern Ondernemerschap aan de Erasmusuniversiteit te Rotterdam;

Artikel

5

Het secretariaat van de commissie wordt gevoerd door twee ambtenaren van het ministerie van Justitie.

Inrichting en werkwijze

Artikel

6

De staatssecretaris van Justitie kan, na overleg niet de voorzitter van de commissie, nadere voorzieningen treffen ten behoeve van het secretariaat.

Artikel

7

Artikel

8

De voorzitter van de commissie en de voorzitters van de subcommissies als bedoeld in artikel 7 zijn bevoegd deskundigen uit te nodigen om aan de beraadslagingen in de commissie dan wel de subcommissies deel te nemen.

Artikel

9

De commissie en de subcommissies als bedoeld in artikel 7 kunnen zich wenden tot overheidsdiensten, openbare en particulieren instellingen en groeperingen voor het verkrijgen van de inlichtingen die zij behoeven.

Artikel

10

De commissie is bevoegd ter voorbereiding van haar voorstellen studies door derden te doen verrichten. Voordat studie opdrachten kunnen worden verleend, dienen deze te zijn goedgekeurd door de staatssecretaris van Justitie.

Artikel

11

De commissie is bevoegd nadere regelen te stellen omtrent haar werkwijze en de werkwijze van de in artikel 8 genoemde subcommissies.

Slotbepaling

Artikel

12

Dit besluit, dat zal worden geplaatst in de Nederlandse Staatscourant en waarvan afschrift wordt gezonden aan de Algemene Rekenkamer, treedt in werking met ingang van de dag na die van dagtekening.

's-Gravenhage
De staatssecretaris voornoemd, A.Kosto