Nederlandse uitvoeringsvoorschriften belastingovereenkomst Nederland Bondsrepubliek Duitsland

De Staatssecretaris van Financiën,
In overeenstemming met de Bundesminister der Finanzen van de Bondsrepubliek Duitsland;
Gelet op artikel 25, tweede lid, van de op 16 juni 1959 te 's-Gravenhage tussen Nederland en de Bondsrepubliek Duitsland gesloten Overeenkomst tot het vermijden van dubbele belasting op het gebied van belastingen van het inkomen en van het vermogen alsmede van verscheidene andere belastingen en tot het regelen van andere aangelegenheden op belastinggebied (Trb. 1959, 85);

Besluit:

Artikel

1

Algemeen

Artikel

2

Nederlandse dividendbelasting met betrekking tot portfoliodividenden (vrijstellingsprocedure)

Artikel

3

Nederlandse dividendbelasting met betrekking tot portfoliodividenden (teruggaafprocedure)

Artikel

4

Nederlandse dividendbelasting met betrekking tot deelnemingsdividenden (vrijstellingsprocedure)

Artikel

5

Nederlandse dividendbelasting met betrekking tot deelnemingsdividenden (teruggaafprocedure)

Artikel

6

Formele bepaling

De in deze regeling bedoelde verklaringen, verzoeken, gegevens en mededelingen moeten duidelijk, stellig en zonder voorbehoud worden gedaan of verstrekt.

Artikel

7

Verjaringstermijn

Verzoeken om teruggaaf van belasting, als bedoeld in de artikelen 3 en 5, moeten bij de bevoegde inspecteur zijn ingediend binnen een tijdvak van vijf jaren na het einde van het kalenderjaar waarin de belasting is geheven.

Artikel

8

Formulieren

De in de artikelen 2, eerste lid, en 3, tweede lid, bedoelde formulieren worden van rijkswege verstrekt. De formulieren zijn op aanvraag kosteloos verkrijgbaar, in Nederland bij de Belastingdienst/Centrum voor facilitaire dienstverlening, Afdeling Logistiek reprografisch centrum, Postbus 1314, 7301 BN Apeldoorn en in de Bondsrepubliek Duitsland bij het Bundesamt für Finanzen. Friedhofstrasse 1, D-5300 Bonn 3.

Artikel

9

Intrekking

De beschikking van de Minister van Financiën van 1 februari 1967, nr. B7 1588 (Stcrt. van 6 februari 1967, nr. 26), wordt ingetrokken.

Artikel

10

Inwerkingtreding

De Staatssecretaris van Financiën,
Namens deze,
De Directeur-Generaal voor Fiscale Zaken, A.Schoemaker