De staatssecretaris van onderwijs en wetenschappen,
Overwegende dat in het overleg over de financiering van de Wet op het Basisonderwijs is afgesproken dat de zogenaamde compensatieregeling vakonderwijs geheel zou worden afgebouwd;
Dat bij circulaire van 6 juni 1985, kenmerk C850119 BO/KL/F-712.222 voorlopige bedragen per basisschoolleerling voor de periode 1 augustus 1985 tot en met 31 december 1986 op jaarbasis zijn vastgesteld, onder voorbehoud van loonsomstijging;
Besluit:
Artikel
1
Definitieve vergoedingsbedragen
1
De definitieve vergoedingsbedragen als bedoeld in de compensatieregeling vakonderwijs zijn voor het basisonderwijs voor de jaren 1985, 1986, 1987 en 1988 vastgesteld als aangegeven in bijlage 1 van deze regeling.
2
Bij de vaststelling van de bedragen is rekening gehouden met het afbouw-percentage als opgenomen in bijlage 2 van deze regeling.
3
Bij de vaststelling van de bedragen is rekening gehouden met een percentage loonsomstijging als aangegeven in bijlage 3.
Artikel
2
Voorlopige vergoedingsbedragen
1
De voorlopige vergoedingsbedragen zijn voor de jaren 1989, 1990 en 1991 vastgesteld als aangegeven in bijlage 1-A van deze regeling.
2
Bij de vaststelling van deze bedragen is rekening gehouden met het afbouw-percentage als opgenomen in bijlage 2-A van deze regeling.
Artikel
3
Vergoeding
1
De vergoeding, bedoeld in artikel 1, eerste lid, en artikel 2, eerste lid, wordt door middel van een maandelijkse uitkering verstrekt aan Burgemeester en Wethouders van de gemeenten.
2
Het totaal van de uitkering bedoeld in het eerste lid is gebaseerd op het aantal leerlingen van alle in de gemeente gevestigde basisscholen, berekend als aangegeven in bijlage 4.
3
Voor wat betreft het jaar 1985 zal uitkering geschieden op basis van 5/12 van het opgenomen bedrag.
Artikel
4
Publikatie
Deze regeling wordt bekend gemaakt in het officiële publikatieblad van het Ministerie van Onderwijs en Wetenschappen. Van deze bekendmaking wordt mededeling gedaan in de Staatscourant.
Artikel
5
Inwerkingtreding
Deze regeling treedt in werking op de datum van publikatie in het officiële publikatieblad van het Ministerie van Onderwijs en Wetenschappen.
Artikel
6
Citeertitel
Deze regeling kan worden aangehaald als ‘compensatieregeling vakonderwijs basisonderwijs’.
drs. J. Wallage
Bijlage
1:
Definitieve vergoedingsbedragen 1985, 1986, 1987 en 1988, als bedoeld in artikel 1, eerste lid, van de regeling.
Bijlage
1-A:
Voorlopige vergoedingsbedragen 1989, 1990 en 1991, als bedoeld in artikel 2, eerste lid, van de regeling.
Bijlage
2:
Afbouw-percentage 1985, 1986, 1987 en 1988, als bedoeld in artikel 2, tweede lid, van de regeling.
Bijlage
2-A:
Afbouw-percentage 1989, 1990 en 1991, als bedoeld in artikel 2, tweede lid, van de regeling.
Bijlage
3:
Percentage loonsomstijging 1984, 1985, 1986, 1987 en 1988, als bedoeld in artikel 1, derde lis, van de regeling.
Bijlage
4:
Berekeningswijze leerlingen aantal als bedoeld in artikel 3, tweede lid, van de regeling.
Bijlage
1
Definitieve vergoedingsbedragen compensatieregeling vakonderwijs basisonderwijs per leerling, per jaar.
1. Gemeenten > 250.000 inwoners:
f. 70,95
2. Gemeenten 100.000–250.000 inwoners:
f. 49,96
3. Gemeenten < 100.000 inwoners:
f. 12,17
1. Gemeenten > 250.000 inwoners:
f. 70,49
2. Gemeenten 100.000–250.000 inwoners:
f. 49,64
3. Gemeenten < 100.000 inwoners:
f. 12,09
1. Gemeenten > 250.000 inwoners:
f. 67,71
2. Gemeenten 100.000–250.000 inwoners:
f. 47,68
3. Gemeenten < 100.000 inwoners:
f. 11,61
1. Gemeenten > 250.000 inwoners:
f. 64,20
2. Gemeenten 100.000–250.000 inwoners:
f. 45,20
3. Gemeenten < 100.000 inwoners:
f. 11,01
N.B. Conform het besluit vakonderwijs LO 1985 (artikel 8) is 1 januari 1982 bepalend voor het inwoneraantal van de gemeente.
Bijlage
1-A
Voorlopige vergoedingsbedragen compensatieregeling vakonderwijs basisonderwijs per leerling, per jaar.
1. Gemeenten > 250.000 inwoners:
f. 59,87
2. Gemeenten 100.000–250.000 inwoners:
f. 42,16
3. Gemeenten < 100.000 inwoners:
f. 10,27
1. Gemeenten > 250.000 inwoners:
f. 54,10
2. Gemeenten 100.000–250.000 inwoners:
f. 38,09
3. Gemeenten < 100.000 inwoners:
f. 9,28
1. Gemeenten > 250.000 inwoners:
f. 48,33
2. Gemeenten 100.000–250.000 inwoners:
f. 34,03
3. Gemeenten < 100.000 inwoners:
f. 8,29
N.B. Conform het besluit vakonderwijs LO 1985 (artikel 8) is 1 januari 1982 bepalend voor het inwoneraantal van de gemeente.