Wet van 28 oktober 1991, houdende wijziging van de Wet op het basisonderwijs en de Interimwet op het speciaal onderwijs en het voortgezet speciaal onderwijs in verband met wijziging van de teldatum

Wijzigingswet Wet op het basisonderwijs, enz. (wijziging van de teldatum)

Wij Beatrix, bij de gratie Gods, Koningin der Nederlanden, Prinses van Oranje-Nassau, enz. enz. enz.
Allen, die deze zullen zien of horen lezen, saluut! doen te weten:
Alzo Wij in overweging genomen hebben, dat het wenselijk is gebleken enige wijzigingen aan te brengen in de Wet op het primair onderwijs (Stb. 1986, 256) en de Wet op de expertisecentra (Stb. 1987, 614) op het punt van de teldatum in verband met betere beheersing van de rijksbegroting;

Zo is het, dat Wij, de Raad van State gehoord, en met gemeen overleg der Staten-Generaal, hebben goedgevonden en verstaan, gelijk Wij goedvinden en verstaan bij deze:

Artikel

I

Bevat wijzigingen in andere regelgeving.

Artikel

II

Bevat wijzigingen in andere regelgeving.

Artikel

III

Vervallen

Artikel

IV

Vervallen

Artikel

V

Vervallen

Artikel

VI

Vervallen

Artikel

VII

Vervallen

Artikel

VIII

Vervallen

Artikel

IX

Lasten en bevelen dat deze in het Staatsblad zal worden geplaatst en dat alle ministeries, autoriteiten, colleges en ambtenaren wie zulks aangaat, aan de nauwkeurige uitvoering de hand zullen houden.

Gegeven te ’s-Gravenhage
Beatrix
De Staatssecretaris van Onderwijs en Wetenschappen, J. Wallage
De Minister van Justitie, E. M. H. Hirsch Ballin