Artikel
1
In dit besluit wordt verstaan onder:
de Minister van Welzijn, Volksgezondheid en Cultuur;
de informatievoorziening op het deelgebied welzijn;
de tijdelijke Commissie voor de welzijnsinformatievoorziening, bedoeld in artikel 2.
Besluit:
In dit besluit wordt verstaan onder:
de Minister van Welzijn, Volksgezondheid en Cultuur;
de informatievoorziening op het deelgebied welzijn;
de tijdelijke Commissie voor de welzijnsinformatievoorziening, bedoeld in artikel 2.
De commissie brengt aan de minister desgevraagd of eigener beweging advies uit over vraagstukken op het gebied van de welzijnsinformatievoorziening. Deze adviserende taak heeft ondermeer betrekking op:
de (coördinatie van) de inrichting van de welzijnsinformatievoorziening, waartoe mede behoren basisgegevens, de begripsomschrijvingen daarvan inbegrepen, en de normen voor tarieven van gegevensverstrekking,
het aangeven van de bestuurlijk-organisatorische consequenties van deze inrichting en
het signaleren van ontwikkelingen op dit deelgebied.
De commissie is als volgt samengesteld:
de voorzitter, tevens lid;
de secretaris, tevens lid;
ten hoogste twee leden die de minister vertegenwoordigen;
ten hoogste twee leden die het Centraal Bureau voor de Statistiek vertegenwoordigen,
ten hoogste twee leden die het Inter-Provinciaal Overleg vertegenwoordigen,
ten hoogste twee leden die het Nederlands Instituut voor Zorg en Welzijn vertegenwoordigen,
ten hoogste twee leden die het Sociaal en Cultureel Planbureau vertegenwoordigen,
ten hoogste twee leden die de Vereniging van Nederlandse Gemeenten vertegenwoordigen,
ten hoogste twee leden die de Vereniging van Ondernemingen in de Gepremieerde en Gesubsidieerde sector vertegenwoordigen,
één lid dat de Minister van Binnenlandse Zaken vertegenwoordigt.
De benoeming en het ontslag van de voorzitter en de secretaris geschiedt nadat de organisaties, bedoeld in artikel 4, onder d tot en met i, en de Minister van Binnenlandse Zaken daarmee hebben ingestemd.
De leden, bedoeld in artikel 4, onder d tot en met j, worden benoemd op voordracht van de organisatie of de bewindspersoon, die zij in de commissie vertegenwoordigen.
De commissie is, ter voorbereiding van de door haar uit te brengen adviezen, bevoegd werkgroepen in te stellen en daarin ook andere personen dan leden te benoemen.
De commissie brengt jaarlijks een schriftelijk verslag uit aan de minister omtrent de in het daaraan voorafgaande kalenderjaar door de commissie verrichte werkzaamheden.
De voorzitter ontvangt een vacatiegeld en een vergoeding van reiskosten overeenkomstig de ter zake geldende rijksregelingen.
Aan het einde van de periode, bedoeld in artikel 2, tweede lid, wordt het archief van de commissie overgedragen aan de minister.
Binnen de periode, bedoeld in artikel 2, tweede lid, evalueert de commissie haar taakvervulling en kan zij bij de minister voorstellen doen over het voortbestaan van de commissie en over gewenste veranderingen.
Een ieder die betrokken is bij de uitvoering van dit besluit en daarbij de beschikking krijgt over gegevens waarvan hij het vertrouwelijke karakter kent of redelijkerwijs moet vermoeden, en voor wie niet reeds uit hoofde van ambt, beroep of wettelijk voorschrift ter zake van die gegevens een geheimhoudingsplicht geldt, is verplicht tot geheimhouding daarvan, behoudens voor zover enig wettelijk voorschrift hem tot bekendmaking verplicht of uit zijn taak bij de uitvoering van dit besluit de noodzaak tot bekendmaking voortvloeit.
Dit besluit, dat met de daarbij behorende toelichting in de Staatscourant zal worden geplaatst, treedt in werking met ingang van de dag na die van de dagtekening in de Staatscourant en werkt terug tot en met 17 december 1991.