Regeling aanwijzing nationaal park De Weerribben

De Staatssecretaris van Landbouw, Natuurbeheer en Visserij,
Overwegende, dat het beleid van de regering is gericht op het tot stand brengen van een stelsel van nationale parken;
Overwegende, dat er een goedgekeurd Beheers- en Inrichtingsplan Nationaal Park de Weerribben is, op basis waarvan aan het nationaal park in oprichting De Weerribben de definitieve status van nationaal park verleend kan worden;
Gezien de adviezen van de Voorlopige Commissie Nationale Parken van 12 december 1985 en 6 december 1990;

Besluit:

Artikel

1

In deze regeling wordt verstaan onder:

a.
minister:

Minister van Landbouw, Natuurbeheer en Visserij;

b.
overlegorgaan:

overlegorgaan als bedoeld in artikel 3;

c.
nationaal park:

gebied zoals omschreven in het Structuurschema Natuur- en Landschapsbehoud (Kamerstukken II, 1980/81, 16 820, nrs. 1–2, blz. 122).

Artikel

2

Als nationaal park wordt aangewezen het natuurgebied De Weerribben zoals aangegeven op de kaart die als bijlage behoort bij deze regeling. 1Is hier niet opgenomen.

Artikel

3

Er is een overlegorgaan nationaal park De Weerribben.

Artikel

4

Het overlegorgaan heeft tot taak zorg te dragen voor de inrichting en het beheer van het nationaal park De Weerribben. Daartoe behoort onder meer:

  • het streven naar onderlinge afstemming van alle voor de inrichting en het beheer van het nationaal park van belang zijnde plannen en activiteiten;

  • het doen van voorstellen aan de minister voor de besteding van de voor het nationaal park De Weerribben beschikbare middelen in het kader van een jaarlijks voor te stellen activiteiten programma met bijbehorende begroting;

  • het opstellen van een meerjarenprogramma voorlichting en educatie, ter bevordering en coördinatie van voorlichting en educatie met betrekking tot het nationaal park de Weerribben.

Artikel

5

Het overlegorgaan voert zijn taak uit overeenkomstig het Beheers- en Inrichtingsplan Nationaal Park De Weerribben van februari 1990, met inachtneming van de daarbij door de Staatssecretaris van Landbouw, Natuurbeheer en Visserij bij brieven van 27-12-1990 en 25-11-1991 geplaatste kanttekeningen.

Artikel

6

In het overlegorgaan hebben zitting:

  • a.

    één door de minister te benoemen lid, tevens voorzitter;

  • b.

    tien door de minister te benoemen leden, als vertegenwoordiger en op voordracht van onderscheidenlijk:

    • de gemeente IJsselham;

    • de provincie Overijssel;

    • het waterschap Vollenhove;

    • het zuiveringsschap West-Overijssel;

    • de regio IJssel-Vecht;

    • het Staatsbosbeheer;

    • de particuliere grondeigenaren;

    • de Vereniging Plaatselijk Belang Kalenberg-Hoogeweg;

    • de Vereniging Plaatselijk Belang Ossenzijl;

    • de Vereniging Plaatselijk Nut Wetering en Omstreken;

  • c.

    één door de minister te benoemen onafhankelijke deskundige op het gebied van de rietteelt;

  • d.

    de Directeur van de Directie Oost van het Ministerie van Landbouw, Natuurbeheer en Visserij.

Artikel

7

Artikel

8

Indien in het overlegorgaan belangrijke verschillen van inzicht blijken te bestaan, doet de voorzitter daarvan mededeling aan de minister, die daarop de naar zijn oordeel nodige stappen onderneemt.

Artikel

9

De Regeling aanwijzing nationaal park in oprichting De Weerribben (Stcrt. 1986, 164) wordt ingetrokken.

Artikel

10

Deze regeling treedt in werking met ingang van 24 juni 1992.

Artikel

11

Deze regeling kan worden aangehaald als: Regeling aanwijzing nationaal park De Weerribben.

's-Gravenhage
De Staatssecretaris van Landbouw, Natuurbeheer en Visserij, J. D.Gabor