Instelling Directie Communicatie, Documentatie en Bibliotheek

De Minister van Binnenlandse Zaken,

Besluit:

I

Er is een Directie Communicatie, Documentatie en Bibliotheek. De directeur ressorteert rechtstreeks onder de secretaris-generaal.

II

De Directie Communicatie, Documentatie en Bibliotheek bestaat uit:

  • 1.

    de directeur

  • 2.

    het stafbureau

  • 3.

    de afdeling Communicatiemanagement en Persvoorlichting

  • 4.

    de afdeling Toepassing Communicatiemiddelen

  • 5.

    het bureau coördinatie externe contacten

  • 6.

    de hoofdafdeling Documentatie en Bibliotheek, bestaande uit:

    • 6.1

      de chef van de hoofdafdeling

    • 6.2

      de afdeling Bibliotheek

    • 6.3

      de afdeling Documentatie

    • 6.4

      de afdeling Literatuuronderzoek

III

De onder II, punt 2 tot en met 6, genoemde organisatie-eenheden zijn belast met de volgende taken.

  • III.2

    Het Stafbureau

    • a.

      Het geven van ondersteuning aan de Directie op het gebied van algemene beleidsmatige aangelegenheden, voorzover niet communicatie-inhoudelijk;

    • b.

      Het coördineren van de kwaliteitsbeheersing m.b.t. de communicatie, i.h.b. de communicatie-plannen en -onderzoek;

    • c.

      Het coördineren van het beheer van de Directie;

    • d.

      Het geven van de administratieve ondersteuning aan de gehele Directie.

  • III.3

    De afdeling Communicatie-management en Persvoorlichting

    • a.

      Het ontwikkelen en bewaken van een communicatiebeleid voor het ministerie als geheel en de sectoren afzonderlijk;

    • b.

      het adviseren van departementale instanties omtrent gebruik en strategische inzet van communicatie als onderdeel van het departementale beleid;

    • c.

      het adviseren van de ambtelijke en politieke leiding van het departement over een doeltreffend en doelmatig gebruik van pers- en publieksvoorlichting op basis van het BiZa-communicatiebeleid;

    • d.

      de coördinatie van de uitvoering van de communicatieprogramma's, waarbij de inhoudelijke verantwoordelijkheid bij de communicatiemanagers/voorlichters ligt;

    • e.

      het afstemmen van intersectorale en interdepartementale communicatietrajecten;

    • f.

      het bevorderen van een juiste, duidelijke en zo volledig mogelijke weergave in de media van het BiZa-beleid en van de argumenten die aan dat beleid ten grondslag liggen;

    • g.

      het begeleiden en adviseren van bewindspersonen en beleidsfunctionarissen bij hun optreden naar buiten en in contacten met de pers;

    • h.

      het bevorderen van goede contacten van het ministerie met de pers en maatschappelijke organisaties.

  • III.4

    De afdeling Toepassing Communicatiemiddelen

    • a.

      Het leveren van een bijdrage aan de opstelling en uitvoering van communicatieplannen;

    • b.

      het adviseren van de communicatiemanagers – en via hen de sectoren – over gebruik en vervaardiging van communicatiemiddelen, ook in onderlinge samenhang en werking;

    • c.

      het begeleiden van de produktie van communicatiemiddelen, waaronder in- en externe periodieken, voorlichtingsdrukwerk, audiovisuele produkties e.d.;

    • d.

      het in overleg met de Rijksvoorlichtingsdienst en communicatiemanagers selecteren van externe uitvoerders;

    • e.

      het verzorgen van de distributie en beheer van communicatiemiddelen;

    • f.

      het bewaken van de huisstijl;

    • g.

      het sturen van de Desktop-Publishing-activiteiten binnen het departement.

  • III.5

    Het bureau coördinatie externe contacten

    • a.

      Het coördineren van externe optredens van bewindspersonen;

    • b.

      het coördineren van de representatie van het ministerie;

    • c.

      het leidinggeven aan de medewerkers van de receptie van Binnenlandse Zaken, die als taak hebben:

      • het ontvangen van bezoekers;

      • het uitvoeren van lichte administratieve werkzaamheden ten behoeve van de Directie.

  • III.6.1

    De hoofdafdeling heeft naast de in III.6.2. genoemde taken een coördinerende taak voor het departement met inbegrip van de daaronder ressorterende diensten met betrekking tot:

    • het aanschaffen, toegankelijk maken en houden van publicaties in meer verschijningsvormen;

    • het functioneel beheer en gebruik van geautomatiseerde literatuurinformatiebestanden.

  • III.6.2

    De onder III.6.2. tot en met II.6.4. genoemde organisatie-eenheden zijn belast met de volgende taken:

    • afdeling Bibliotheek

      • het verwerven, beschrijven en beheren van publikaties in overeenstemming met het aanschafbeleid;

      • het verstrekken van informatie over en uit de aangeschafte publikaties;

      • het attenderen op de aangeschafte publikaties;

      • het verzorgen van de (post)leenverkeer;

      • het ter inzage leggen van en verstrekken van informatie over publikaties mede ter uitvoering van de Wet openbaarheid van bestuur;

      • het beheren van de openbare leeszaal;

      • het onderhouden van in- en externe contacten t.a.v. genoemde werksoorten en diensten;

      • het verzorgen van de eerstelijns Publieksvoorlichting;

      • het verzorgen van de voorlichting aan ambtenaren t.a.v. BiZa-publicaties.

    • afdeling Documentatie

      • het selecteren en ontsluiten van publikaties;

      • het invoeren van beschrijvingen van de geselecteerde publicaties in het geautomatiseerde literatuurinformatiesysteem;

      • het op daartoe gepaste wijze verstrekken van informatie uit en over de vastgelegde publikaties;

      • het beheren en onderhouden van het trefwoordensysteem;

      • het beheren en onderhouden van het geautomatiseerde literatuursysteem;

      • het verzorgen van regelmatig verschijnende publikaties ter attendering van belanghebbenden;

      • het geven van adviezen op het gebied van de collectievorming aan de afdeling Bibliotheek;

      • het onderhouden van in- en externe contacten m.b.t. documentaire informatievoorziening.

    • afdeling Literatuuronderzoek

      • het verrichten van literatuuronderzoek;

      • het verzorgen van publikaties ter attendering en ondersteuning van belanghebbenden zowel op verzoek als op eigen initiatief;

      • het participeren in (departementale) overlegsituaties;

      • het begeleiden en coördineren van aan derden uit te besteden literatuuronderzoek;

      • het geven van adviezen op de gebieden van collectievorming, thesaurusbeheer en de selectie van publikaties ten behoeve van het literatuurinformatiesysteem;

      • het verrichten van taken op het terrein van de ontwikkeling van de documentaire dienstverlening.

IV

Ingetrokken worden de beschikkingen van 1 november 1983, Kabinet nr. U 434CF8300535 en van 31 mei 1990 nr. V90/80.

V

Deze beschikking treedt in werking op 1 januari 1993.

VI

Afschrift van deze beschikking zal worden gezonden aan de Algemene Rekenkamer en aan

  • de directeur-generaal;

  • chefs van de directie, (staf- en hoofd)afdelingen, diensten, inspecties en rechtstreeks onder de secretaris-generaal ressorterende bureaus;

  • de Inspectie der Rijksfinanciën;

  • de Centrale Accountantsdienst van het ministerie van Financiën;

  • de beveiligingsambtenaar.

's-Gravenhage
De Minister van Binnenlandse Zaken, C. I.Dales