Artikel
1
Er is een bezwarencommissie, hierna te noemen de commissie, welke tot taak heeft advies uit te brengen aan de minister over een bezwaar van een personeelslid van het ROI als bedoeld in artikel 5, zesde lid van de Wet Stichting ROI.
Besluit:
Er is een bezwarencommissie, hierna te noemen de commissie, welke tot taak heeft advies uit te brengen aan de minister over een bezwaar van een personeelslid van het ROI als bedoeld in artikel 5, zesde lid van de Wet Stichting ROI.
De benoeming van de voorzitter geschiedt door de minister op basis van een gezamenlijke voordracht van de directeur ROI en de dienstcommissie ROI van een persoon die niet werkzaam is bij het ROI.
De benoeming van de leden geschiedt als volgt:
Eén lid wordt benoemd door de minister op voordracht van de directeur van het ROI;
Eén lid wordt benoemd door de minister op voordracht van de dienstcommissie ROI.
Voorts worden, op dezelfde wijze als genoemd onder b. en c., een plaatsvervangend voorzitter en twee plaatsvervangende leden benoemd.
De directeur wijst in overleg met de voorzitter een secretaris en een plaatsvervangend secretaris aan.
De commissie komt met twee leden of plaatsvervangend leden, alsmede de voorzitter of plaatsvervangend voorzitter bijeen.
De vergaderingen van de commissie zijn niet openbaar. De (plaatsvervangend) voorzitter, de (plaatsvervangend) leden en de (plaatsvervangend) secretaris zijn gehouden tot geheimhouding van de gegevens waarover zij bij de behandeling van de bezwaren de beschikking krijgen en waarvan zij het vertrouwelijke karakter redelijkerwijs moeten kunnen vermoeden.
Een personeelslid kan binnen een maand na het inwerkingtreden van de Wet Stichting ROI bezwaar maken tegen de overgang in dienst van het geprivatiseerde ROI.
Een bezwaar wordt schriftelijk ingediend en met redenen omkleed. Het wordt gericht aan de minister en ingediend bij de directeur. Deze zendt het bezwaar binnen 14 dagen na ontvangst door naar de commissie en doet daarvan mededeling aan het personeelslid.
Indien sprake is van een kennelijke onvolkomenheid in de arbeidsvoorwaarden die voor het personeelslid ingevolge de arbeidsovereenkomst zouden gelden draagt de directeur zelf zorg voor verbetering van de onvolkomenheid. Hij zendt het bezwaar van het personeelslid uitsluitend nog door aan de commissie indien het personeelslid na mededeling van de wijziging te kennen heeft gegeven het bezwaar te handhaven.
De commissie is bevoegd alle inlichtingen in te winnen die zij voor de behandeling van de ingediende bezwaren nodig acht. Dit houdt onder meer in dat zij bevoegd is ieder personeelslid van het ROI te horen en kennis te nemen van alle op een bezwaar betrekking hebbende stukken.
Het personeelslid dat bezwaar heeft ingediend kan desgewenst het bezwaar toelichten voor de commissie eventueel vergezeld van een raadsman.
Dit besluit wordt aangehaald als: Bezwarenregeling privatisering ROI.
Dit besluit treedt in werking met ingang van de datum van inwerkingtreding van de Wet Stichting ROI. De tekst van dit besluit wordt in de Nederlandse Staatscourant geplaatst.