Artikel
1
1
De radio-telefonische berichtenwisseling tussen de Nederlandse luchtverkeersdiensten en luchtvaartuigen wordt gevoerd in de Engelse taal.
2
Met betrekking tot burgerluchtvaartuigen zijn op de in het eerste lid genoemde berichtenwisseling bovendien van toepassing:
-
a.
de normen, aanbevelingen en procedures van Bijlage 10 bij het Verdrag voor de internationale burgerluchtvaart (Trb. 1973, 109). ‘Aeronautical Telecommunications’, deel II, hoofdstuk V ‘Aeronautical Mobile Service’;
-
b.
onder gebruikmaking, voor zover van toepassing, van het standaard-radiotelefonie ‘woordgebruik’ vermeld in ICAO-Document 4444 (Procedures for Air Navigation Services-Rules of the Air and Air Traffic Services), hoofdstukken IX en X.