Instelling Auditcommissie Stads- en Streekvervoer

De Minister van Verkeer en Waterstaat,
Overwegende dat het wenselijk is de decentralisatie, zowel bestuurlijk als financieel, van het stads- en het streekvervoer naar de vervoerregio te versnellen;
dat de kostendekkingsgraad in het stads- en streekvervoer te laag wordt geacht en het wenselijk is deze te verhogen tot tenminste 50%;

Besluit:

Artikel

1

Artikel

2

De Auditcommissie als taak op te dragen:

  • de praktische mogelijkheden te verkennen voor versnelling van het decentralisatietraject van de bestuurlijke verantwoordelijkheid voor het stads- en streekvervoer;

  • de mogelijkheden voor het verhogen van de kostendekkingsgraad te verkennen, aan te geven aan welke condities moet worden voldaan, alsmede de effecten voor het bedrijfsleven en het beleid in kaart te brengen.

Artikel

3

De Auditcommissie te verzoeken in die gevallen dat zich naar haar oordeel ontwikkelingen voordoen die het vervullen van de haar opgedragen taak belemmeren, zich tot de minister van Verkeer en Waterstaat te wenden met een advies hoe dergelijke belemmeringen te doorbreken.

Artikel

4

De Auditcommissie te verzoeken haar werkprogramma vast te stellen op basis van het vorenstaande en daarbij de resultaten van de commissie Brokx en de stuurgroep Westerduin in acht te nemen.

Artikel

5

De Auditcommissie te verzoeken op zo kort mogelijke termijn, doch uiterlijk ultimo 1993 een eindrapportage te presenteren.

Artikel

6

Dit besluit treedt in werking met ingang van de tweede dag na de dagtekening van de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst en werkt terug tot en met 28 april 1993.

Artikel

7

Het besluit houdende instelling van de Auditcommissie Stads- en Streekvervoer zoals gepubliceerd in de Staatscourant van 4 juni 1993 komt hiermee te vervallen.

's-Gravenhage
De Minister van Verkeer en Waterstaat, J. R. H.Maij-Weggen