Artikel
1
De leden van de landelijke examencommissie, bedoeld in artikel 4 van het Examenbesluit m.b.o., hun plaatsvervangers en de door de Commissie ingeschakelde deskundigen, met uitzondering van functionarissen in dienst van het Rijk, ontvangen uit ’s Rijks kas een vergoeding van f 120,– per dag voor de door hen verrichte werkzaamheden, voor zover deze betrekking hebben op de uitoefening van hun taak. Tevens kunnen zij aanspraak maken op vergoeding van reis- en verblijfkosten op grond van het Reisbesluit 1971.