Artikel
1
1
In deze regeling wordt verstaan onder:
de Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid;
de Arbeidsvoorzienings-organisatie bedoeld in de Arbeidsvoorzieningswet;
de persoon, die een uitkering ontvangt op grond van de Algemene bijstandswet (Abw), de Wet Inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte werknemers (Ioaw) of de Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte zelfstandigen (Ioaz) dan wel een combinatie van deze regelingen;
de uitkeringsgerechtigde, die
-
1º
1 jaar of langer een uitkering ontvangt op grond van de onder c genoemde wetten; of
-
2º
1 jaar of langer als werkloos werkzoekend is ingeschreven bij de Arbeidsvoorzieningsorganisatie.
2
Voor de toepassing van het eerste lid, onderdeel d, 2°, worden:
-
a.
dagen waarop de periode van inschrijving is onderbroken door het verrichten van arbeid of door een dienstverband beschouwd als dagen van inschrijving, mits het aantal dagen of gewerkte uren per jaar in totaal niet meer dan 50 respectievelijk 400 bedraagt; de voor de werkloos werkzoekende meest gunstige regeling prevaleert;
-
b.
dagen waarop de periode van inschrijving is onderbroken door het ondergaan van hechtenis of gevangenisstraf beschouwd als dagen van inschrijving;
-
c.
bij een onderbreking van de periode van inschrijving door het vervullen van de militaire dienstplicht of in de plaats daarvan vervangende dienst de perioden gelegen voor en na de onderbreking samengeteld als waren zij een ononderbroken periode;
-
d.
dagen waarop een persoon na toestemming van de Arbeidsvoorzienings-organisatie, de bedrijfsvereniging of de gemeente onbetaalde arbeid verricht als vrijwilliger, dan wel een cursus, opleiding of scholing volgt, beschouwd als dagen van inschrijving.