Artikel
1
2
De Kustwacht is belast met toezichthoudende en opsporingstaken alsmede met dienstverlenende taken.
Hebben goedgevonden en verstaan:
De Kustwacht is belast met toezichthoudende en opsporingstaken alsmede met dienstverlenende taken.
De Kustwacht oefent de in artikel 1 genoemde taken uit in de volgende wateren en het luchtruim daarboven:
de binnenwateren van de Nederlandse Antillen en van Aruba;
de territoriale zeeën van de Nederlandse Antillen en van Aruba;
het overige zeegebied in de Caraïbische Zee, voorzover het volkenrecht en het interregionale recht dit toelaten.
De Raad van Ministers van het Koninkrijk stelt het beleid voor de Kustwacht met betrekking tot de uitoefening van de in artikel 1 genoemde taken vast, onverminderd het gestelde in artikel 5.
De Raad van Ministers van het Koninkrijk stelt daartoe vast het beleidsplan van de Kustwacht, het operationeel jaarplan, de begroting, het jaarverslag en de jaarlijkse financiële verantwoording.
Onze Minister van Defensie draagt zorg voor het indienen bij de Raad van Ministers van het Koninkrijk van de in het tweede lid genoemde documenten. Onze Minister van Defensie gaat niet tot indiening van de genoemde documenten over dan nadat de bij de taakuitoefening van de Kustwacht betrokken ministers van Nederland, de Nederlandse Antillen en Aruba in de gelegenheid zijn gesteld hun zienswijze hierover aan hem kenbaar te maken.
Er is een Kustwachtcommissie die tot taak heeft de voorbereiding van de in artikel 3, tweede lid genoemde documenten ten behoeve van de indiening door Onze Minister van Defensie bij de Raad van Ministers van het Koninkrijk.
De Kustwachtcommissie is samengesteld uit ambtelijke vertegenwoordigers van de bij de taakuitoefening van de Kustwacht betrokken Ministers van Nederland, de Nederlandse Antillen en Aruba.
Onze Ministers van Justitie van Nederland, de Nederlandse Antillen en Aruba voeren regelmatig overleg over het justitieel beleid ten behoeve van de uitoefening van de taken van de Kustwacht en stellen dit beleid gezamenlijk vast.
Onze Ministers van Nederland, de Nederlandse Antillen en Aruba dragen er zorg voor dat de Commandant en personeel van de Kustwacht toezichthoudende en opsporingsbevoegdheid worden verleend die nodig zijn voor de goede uitoefening van de taken van de Kustwacht.
De Commandant van de Kustwacht is gehouden de aanwijzingen met betrekking tot het uitvoeren van toezichthoudende, dienstverlenende en opsporingstaken van het bevoegd gezag op te volgen.
Indien door de Nederlandse Antillen en Aruba in het kader van de taakuitoefening van de Kustwacht aanwijzingen kunnen worden gegeven aan de Commandant van de Kustwacht, geschiedt dit door de Gouverneur van het betrokken land, onverminderd zijn bevoegdheden en verantwoordelijkheden als Koninkrijksorgaan, met dien verstande dat met betrekking tot de uitvoering van opsporingstaken van de Kustwacht de aanwijzingen worden gegeven door de Procureur-Generaal van het betrokken land.
Onze Minister van Defensie is binnen de overeengekomen budgettaire randvoorwaarden verantwoordelijk voor het beheer van de inrichting van de Kustwacht alsmede de wijze waarop de taken door de Kustwacht worden uitgevoerd, zoals vastgelegd in het beleidsplan en het operationeel jaarplan.
De Commandant van de Kustwacht is belast met de algehele leiding van de Kustwacht. Deze functie wordt vervuld door de Commandant der Zeemacht in het Caraïbisch gebied.
Voor de uitoefening van de taken van de Kustwacht stelt Nederland de nu in het Caraïbisch gebied aanwezige defensiemiddelen en defensiepersoneel ter beschikking van de Kustwacht voor zover deze voor de taakuitoefening van de Kustwacht geschikt zijn en deze niet voor defensietaken behoeven te worden ingezet. De Nederlandse Antillen en Aruba dragen de nu aanwezige middelen en personeel van de maritieme politie en douane over aan de Kustwacht, voor zover deze nu belast zijn met maritieme opsporings- en toezichtstaken.
Het personeel werkzaam bij de Kustwacht is in de rechtmatige uitoefening van zijn taken bevoegd tot gebruik van geweld, wanneer het daarmee beoogde doel dit, mede gelet op de aan het gebruik van geweld verbonden gevaren, rechtvaardigt en dat doel niet op een andere wijze kan worden bereikt.
Dit besluit treedt in werking met ingang van de eerste dag van de tweede kalendermaand na die, waarin het tijdstip van uitgifte van het Staatsblad waarin het wordt geplaatst is gelegen.
Dit besluit wordt aangehaald als: Voorlopige regeling Kustwacht voor de Nederlandse Antillen en Aruba.
Lasten en bevelen dat dit besluit met de daarbij behorende nota van toelichting in het Staatsblad, in het Publikatieblad van de Nederlandse Antillen en in het Afkondigingsblad van Aruba zal worden geplaatst.