Regeling algemene verplichtingen houders infrastructuurvergunningen

Regeling algemene verplichtingen houders infrastructuurvergunningen

De Minister van Verkeer en Waterstaat,

Besluit:

Voor de houder van een infrastructuurvergunning gelden de volgende regels ten aanzien van de aan hem in artikel 4b van de Wet op de telecommunicatievoorzieningen opgedragen verplichtingen terzake van de kabelgebonden telecommunicatie-infrastructuur:

Artikel

1

In deze regeling wordt verstaan onder:

a.
wet:

de Wet op de telecommunicatievoorzieningen;

c.
houder van een infrastructuurvergunning:

degene aan wie een infra-structuurvergunning is verleend;

d.
minister:

de Minister van Verkeer en Waterstaat;

f.
dienst:

het ter beschikking stellen van het gebruik van vaste verbindingen als bedoeld in artikel 4b, eerste lid, van de wet;

g.
contractant:

degene die met de houder van een infrastructuurvergunning een overeenkomst heeft aangegaan met betrekking tot de levering van de dienst;

h.

richtlijn nr. 92/44/EEG van de Raad van de Europese Gemeenschappen van 5 juni 1992 betreffende de toepassing van Open Network Provision (ONP) op huurlijnen (PbEG L 165), zoals deze laatstelijk is gewijzigd bij beschikking nr. 94/439/EEG van de Commissie van de Europese Gemeenschappen van 15 juni 1994 (PbEG L 181);

i.
aftappen:

afluisteren of opnemen van telecommunicatie als bedoeld in artikel 64, eerste lid, van de wet;

j.
last:

een bevoegd gegeven bijzondere last tot het plaatsen van een tap;

k.
gebruiker:

degene die met een aanbieder van telecommunicatiediensten die gebruik maakt van de telecommunicatie-infrastructuur van de infrastructuurvergunninghouder een overeenkomst is aangegaan met betrekking tot de levering van een telecommunicatiedienst.

Artikel

2

Artikel

3

Artikel

4

De hiernavolgende artikelen zijn van toepassing met betrekking tot het leveren van vaste verbindingen door de houder van een infrastructuurvergunning, ongeacht of hij zulks verplicht is krachtens artikel 3, eerste lid, van het besluit of niet.

Artikel

5

Artikel

6

Artikel

7

Artikel

8

Artikel

9

De houder van een infrastructuurvergunning verstrekt op verzoek van het college die informatie die deze nodig heeft voor het door hem te voeren telecommunicatiebeleid of ten behoeve van het toezicht op de naleving van deze regeling en de bij de verlening van de infrastructuurvergunning gestelde voorschriften en beperkingen.

Artikel

10

Artikel

11

Deze regeling treedt in werking met ingang van 15 juli 1996 en wordt aangehaald als: Regeling algemene verplichtingen houders infrastructuurvergunningen.

Deze regeling zal in de Staatscourant worden geplaatst.

De Minister van Verkeer en Waterstaat, A.Jorritsma-Lebbink