ARTIKEL
I
Wijzigt het Onderwijskundig besluit ISOVSO.
Hebben goedgevonden en verstaan:
Wijzigt het Onderwijskundig besluit ISOVSO.
Wijzigt het Formatiebesluit ISOVSO 1992.
Wijzigt het Bekostigingsbesluit ISOVSO/OISOVSO.
Wijzigt het Huisvestingsbesluit ISOVSO.
Wijzigt het Bouwbesluit ISOVSO.
Wijzigt het Besluit trekkende bevolking WBO.
Wijzigt het Bekostigingsbesluit WBO/OWBO.
Wijzigt het Formatiebesluit WBO 1992.
Wijzigt het Formatiebesluit scholen v.w.o.-a.v.o.-v.b.o.
Wijzigt het Besluit onderwijsvoorrangsgebieden.
Wijzigt het Inrichtingsbesluit v.w.o.-h.a.v.o.-m.a.v.o.-v.b.o.
Wijzigt het Besluit medezeggenschap onderwijs.
WIjzigt het Besluit vervangingsfonds.
WIjzigt het Tijdelijk besluit regionale meld- en coördinatiefunctie voortijdig schoolverlaten.
Wijzigt het Besluit gevoelige gegevens.
Wijzigt het besluit van 19 december 1989, houdende uitvoering van artikel 17, onder b en c, van de Wet persoonsregistraties (Stb. 1989, 569).
In afwijking van artikel 1 van het Bekostigingsbesluit ISOVSO/OISOVSO worden de op 31 juli 1995 in gebruik zijnde schoolgebouwen van de «School voor slechtziende kinderen Bartimeus» voor speciaal en voortgezet speciaal onderwijs aan slechtziende kinderen te Zeist en de «Brailleschool Bartimeus» voor speciaal en voortgezet speciaal onderwijs aan blinde kinderen te Zeist met ingang van 1 augustus 1995 aangemerkt als hoofdgebouwen van de uit onder meer die scholen ontstane instelling voor speciaal en voortgezet speciaal onderwijs aan visueel gehandicapte kinderen.
Dit besluit treedt in werking op een bij koninklijk besluit te bepalen tijdstip. Het koninklijk besluit voorziet erin dat dit besluit, behoudens artikel VI, onderdeel A, artikel VII, onderdeel A, en artikel X, onderdeel A, terugwerkt tot en met 1 augustus 1995. Het koninklijk besluit voorziet erin dat artikel VI, onderdeel A, terugwerkt tot en met 1 augustus 1994, dat artikel VII, onderdeel A, terugwerkt tot en met 17 juli 1996 en dat artikel X, onderdeel A, terugwerkt tot en met 1 augustus 1996.
Het in het eerste lid bedoelde koninklijk besluit wordt ten aanzien van de artikelen I tot en met IX en XI tot en met XVII niet genomen voordat vier weken zijn verstreken nadat het onderhavige besluit is overgelegd aan de Tweede Kamer der Staten-Generaal en gedurende die termijn niet door of namens de Kamer de wens wordt te kennen gegeven dat de in die artikelen geregelde onderwerpen bij de wet worden geregeld.
Het in het eerste lid bedoelde koninklijk besluit wordt ten aanzien van artikel X niet genomen voordat vier weken zijn verstreken nadat het onderhavige besluit is overgelegd aan de beide Kamers der Staten-Generaal en gedurende die termijn niet door of namens een van beide Kamers de wens wordt te kennen gegeven dat het in artikel X geregelde onderwerp bij de wet wordt geregeld.
Lasten en bevelen dat dit besluit met de daarbij behorende nota van toelichting in het Staatsblad zal worden geplaatst.