Artikel
1
In deze regeling en in de bij deze regeling behorende bijlagen wordt verstaan onder:
Joint Aviation Requirements;
Federal Aviation Regulations.
Besluit:
In deze regeling en in de bij deze regeling behorende bijlagen wordt verstaan onder:
Joint Aviation Requirements;
Federal Aviation Regulations.
De eisen inzake kennis, bedrevenheid en ervaring voor verkrijging van bewijzen van bevoegdheid en bevoegdverklaringen zijn opgenomen in de bij deze regeling behorende bijlagen, genoemd in de artikelen 3, 4 en 5.
Voor een bewijs van bevoegdheid voor stuurhutpersoneel gelden de op dat bewijs toepasselijke eisen inzake kennis, bedrevenheid en ervaring in de bijlage of bijlagen volgens onderstaand schema:
|
bewijzen van bevoegdheid voor stuurlieden |
kennis |
bedrevenheid |
ervaring |
|
in bijlage nr. |
|||
|
OEFENBEWIJS - vleugel -en hefschroefvliegtuigen |
1 |
6/96 |
6/96 |
|
BEPERKT VLIEGTUIGBEWIJS A - vleugelvliegtuigen |
2/98 |
7/96 |
6/96 |
|
VLIEGBEWIJS A - vleugelvliegtuigen |
2/89 |
7/96 |
6/96 |
|
VLIEGBEWIJS A - hefschroefvliegtuigen |
2/89 |
7/96 |
6/96 |
|
VLIEGBEWIJS B3 - vleugelvliegtuigen |
5/95 |
7/96 |
6/96 |
|
VLIEGBEWIJS B3 - hefschroefvliegtuigen |
5/95 |
7/96 |
6/96 |
|
VLIEGBEWIJS B2 OF B1- vleugelvliegtuigen |
5/95 |
7/96 |
6/96 |
|
VLIEGBEWIJS B1 - hefschroefvliegtuigen |
5/95 |
7/96 |
6/96 |
|
ZWEEFVLIEGBEWIJS |
11 |
11 |
11 |
|
Bewijs van bevoegdheid als BALLONVOERDER |
12 |
12 |
12 |
|
Bewijs van bevoegdheid als BOORDWERKTUIGKUNDIGE |
14 |
6/96 |
6/96 |
Voor een bevoegdverklaring van stuurhutpersoneel gelden de op die bevoegdverklaring toepasselijke eisen inzake kennis, bedrevenheid en ervaring in de bijlage of bijlagen volgens onderstaand schema:
|
bevoegdverklaringen |
kennis |
bedrevenheid |
ervaring |
|
in bijlage nr. |
|||
|
in een vliegbewijs |
|||
|
"TYPE/KLASSE VAN VLIEGTUIG" - vleugelvliegtuigen |
7/96 |
7/96 |
- |
|
"TYPE VAN VLIEGTUIG" - hefschroefvliegtuigen |
7/96 |
7/96 |
- |
|
"BLINDVLIEGEN" - vleugelvliegtuigen |
5/95 |
7/96 |
6/96 |
|
"BLINDVLIEGEN" - hefschroefvliegtuigen |
5/95 |
7/96 |
6/96 |
|
"SPUITVLIEGEN"- vleugel - /hefschroefvliegtuigen |
34 |
34 |
34 |
|
"SLEEPVLIEGTUIGEN" - vleugelvliegtuigen |
36 |
36 |
36 |
|
"RADIOTELEFONIE" |
37/98 |
37/98 |
- |
|
"VLIEGONDERRICHT" - vleugelvliegtuigen |
38 |
38 |
38 |
|
"VLIEGONDERRICHT" - hefschroefvliegtuigen |
39 |
39 |
39 |
|
in het zweefvliegbewijs |
|||
|
"LIEREN OF SLEEPVLIEGEN" |
11 |
11 |
11 |
|
"WOLKENVLIEGEN" |
50 |
50 |
50 |
|
"VLIEGONDERRICHT" |
52 |
52 |
52 |
|
"MOTORZWEEFVLIEGEN" |
53 |
53 |
53 |
|
in het bewijs van bevoegdheid als boordwerktuigkundige |
|||
|
"TYPE VAN VLIEGTUIG" - vleugelvliegtuigen |
60 |
60 |
- |
Voor een bewijs van bevoegdheid voor grondpersoneel gelden de op dat bewijs van bevoegdheid toepasselijke eisen inzake kennis en ervaring in de bijlage volgens onderstaand schema:
|
Eisen voor bewijzen van bevoegdheid en bevoegdverklaringen |
bijl. nr. |
|
GRONDWERKTUIGKUNDIGE AB categorie 1 Z en 1 T |
70 |
|
- vleugelvliegtuigen algemeen met één motor, niet uitgerust met een drukkajuit |
|
|
- motoren |
|
|
GRONDWERKTUIGKUNDIGE AB categorie 2 Z en 2 T |
71 |
|
- type vleugelvliegtuigen tot 5700 kg met meer dan één motor of uitgerust met een drukkajuit |
|
|
- motoren |
|
|
GRONDWERKTUIGKUNDIGE AB categorie 3 Z en 3 T |
72 |
|
- type hefschroefvliegtuigen tot 2700 kg |
|
|
- motoren |
|
|
GRONDWERKTUIGKUNDIGE C (E) F |
73 |
|
- instrumenten zonder elektronische hulpapparauur, klimaatregeling en elektrische installaties in categorie 1, 2 en 3 vliegtuigen |
|
|
GRONDWERKTUIGKUNDIGE DG |
74 |
|
- automatische vluchtgeleidingssystemen alsmede communicatie-, navigatie-, en identificatie-installaties in catagorie 1, 2 en 3 vliegtuigen |
|
|
ZWEEFVLIEGTECHNICUS A |
75 |
|
- zweefvliegtuigen en motorzweefvliegtuigen |
|
|
ZWEEFVLIEGTECHNICUS B |
76 |
|
- voortstuwingsinstallaties in motorzweefvliegtuigen |
|
|
ZWEEFVLIEGTECHNICUS C |
77 |
|
- elektronische installaties in zweefvliegtuigen en elektronische installaties in (motor-) zweefvliegtuigen |
De volgende besluiten van de directeur-generaal van de Rijksluchtvaartdienst worden ingetrokken:
het besluit van 23 november 1970, nr. LI/21756 voor wat betreft de eisen inzake kennis in bijlage 60, inzake bedrevenheid in de bijlagen 6, 7, 10, 32, 33 en 60, inzake ervaring in de bijlagen 32 en 33;
het besluit van 9 juli 1971, nr. LI/18430 voor wat betreft de eisen inzake ervaring in de bijlagen 4, 6, 7 en 10;
het besluit van 23 mei 1972, nr. LI/22815 voor wat betreft de eisen inzake kennis, bedrevenheid en ervaring in de bijlagen 30, 31, 34, 35, 36, 39 en 52;
het besluit van 22 april 1974, nr. LI/L 22441 voor wat betreft de eisen inzake bedrevenheid en ervaring in bijlage 14;
het besluit van 26 mei 1978, nr. LI/11576 voor wat betreft de eisen inzake bedrevenheid in bijlage 4;
het besluit van 20 augustus 1982, nr. LI/12478 voor wat betreft de eisen inzake kennis in de bijlagen 1 en 53, en voor wat betreft de eisen inzake bedrevenheid en ervaring in de bijlagen 1, 2, 3, 5, 8/9 en 53;
het besluit van 12 september 1983, nr. LI/12372 voor wat betreft de eisen inzake kennis, bedrevenheid en ervaring in bijlage 38;
het besluit van 13 februari 1984, nr LI/10393;
het besluit van 6 juli 1984, nr. LI/11961 voor wat betreft de eisen inzake kennis, bedrevenheid en ervaring in de bijlagen 70, 71, 72, 73, 74, 75, 76 en 77;
het besluit van 23 december 1985, nr. LI/9295 voor wat betreft de eisen inzake kennis, bedrevenheid en ervaring in bijlage 50;
De volgende besluiten van de Minister van Verkeer en Waterstaat worden ingetrokken:
het besluit van 12 juni 1987, nr. LI/3992 voor wat betreft de eisen inzake kennis en bedrevenheid in bijlage 37;
het besluit van 5 oktober 1987, nr. LI/6267 voor wat betreft de eisen inzake kennis in bijlage 14;
het besluit van 7 december 1987, nr. LI/7463 voor wat betreft de eisen inzake kennis, bedrevenheid en ervaring in bijlage 12;
het besluit van 9 juni 1989, nr. LI/4876 voor wat betreft de eisen inzake kennis in bijlage 2/1989;
het besluit van 29 oktober 1993, nr. LI/93.9563 voor wat betreft de eisen inzake kennis, bedrevenheid en ervaring in bijlage 11;
het besluit van 16 november 1995, nr. LI/95.200313 voor wat betreft de eisen inzake kennis in bijlage 5/1995.
Deze regeling treedt in werking met ingang van 1 oktober 1996.
Deze regeling wordt aangehaald als: Regeling kennis, bedrevenheid en ervaring voor bewijzen van bevoegdheid en bevoegdverklaringen.
Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst met uitzondering van de bijlagen, die ter inzage worden gelegd bij de Luchtvaartinspectie van de Rijksluchtvaart-dienst, Saturnusstraat 71, te Hoofddorp.