De geluidsbelasting als bedoeld in artikel 20, tweede lid, onder d ten tweede, van de Luchtvaartwet, veroorzaakt door luchtvaartuigen met een toegelaten totaalmassa van ten minste 6000 kg dan wel minder dan
6000 kg maar meer dan 390 kg, voor zover dit hefschroefvliegtuigen betreft dan wel deze luchtvaartuigen gebruik maken van dezelfde aan- en uitvliegroutes als de luchtvaartuigen van ten minste 6000 kg, dan wel de vliegpatronen van deze luchtvaartuigen overeenkomen met die van luchtvaartuigen van ten minste 6000 kg, wordt berekend met de formule:
op de manier die is beschreven in rapport RLD/BV-01, Voorschrift voor de berekening van de geluidsbelasting in Kosteneenheden (Ke) ten gevolge van het vliegverkeer, dat als bijlage 1 bij deze regeling is opgenomen.
Artikel
2
Bij het berekenen van de in artikel 1 genoemde geluidsbelasting wordt gebruik gemaakt van de gegevens in rapport NLR CR 96650 L, Appendices van de voorschriften voor de berekening van geluidsbelasting,
oktober 1996, met latere wijzigingen, dat als bijlage 2 bij deze regeling is opgenomen, en de door de opdrachtgever verstrekte luchtvaartterrein gebonden gegevens. Van de in de eerste volzin bedoelde latere wijzigingen zal mededeling worden gedaan in de Staatscourant.
Artikel
3
Het Besluit van 12 januari 1984, nr. LI/L 20149/Rijksluchtvaartdienst/Stcrt. 1984, 95, wordt ingetrokken.
Artikel
4
Deze regeling zal in de Staatscourant worden geplaatst met uitzondering van de bijlagen, die ter inzage worden gelegd. Van deze terinzagelegging zal mededeling worden gedaan in de Staatscourant.
Artikel
5
Deze regeling treedt in werking met ingang van de tweede dag na dagtekening van de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst en werkt terug tot en met 1 oktober 1996.
Artikel
6
Deze regeling wordt aangehaald als: Regeling berekening geluidsbelasting in Kosteneenheden.
’s-Gravenhage
De Minister van Verkeer en Waterstaat,A.Jorritsma-Lebbink
DeStaatssecretaris van Defensie,J.C.Gmelich Meijling
Bijlage
1
Ligt ter inzage bij de Rijksluchtvaartdienst te Den Haag.
Bijlage
2
Ligt ter inzage bij de Rijksluchtvaartdienst te Den Haag.