Wet van 19 december 1996 tot wijziging van bepalingen van de Mediawet in verband met het omvormen van de met de inning van de omroepbijdragen belaste dienst van Koninklijke PTT Nederland N.V. tot een publiekrechtelijk vormgegeven zelfstandig bestuursorgaan

Wijzigingswet bepalingen Mediawet ivm met het omvormen van de met de inning van de omroepbijdragen belaste dienst van Koninklijke PTT Nederland N.V. tot een publiekrechtelijk vormgegeven zelfstandig bestuursorgaan

Wij Beatrix, bij de gratie Gods, Koningin der Nederlanden, Prinses van Oranje-Nassau, enz. enz. enz.
Allen, die deze zullen zien of horen lezen, saluut! doen te weten:
Alzo Wij in overweging genomen hebben, dat het wenselijk is de met de inning van de omroepbijdragen belaste dienst van Koninklijke PTT Nederland N.V. om te vormen tot een publiekrechtelijk vormgegeven zelfstandig bestuursorgaan, en aan dit bestuursorgaan de bevoegdheid toe te kennen een aantal met de Mediawet strijdige gedragingen op administratiefrechtelijke wijze af te doen;

Zo is het, dat Wij, de Raad van State gehoord, en met gemeen overleg der Staten-Generaal, hebben goedgevonden en verstaan, gelijk Wij goedvinden en verstaan bij deze:

ARTIKEL

I

Wijzigt de Mediawet.

ARTIKEL

II

Wijzigt de Provinciewet.

ARTIKEL

III

ARTIKEL

IV

ARTIKEL

V

ARTIKEL

VI

Archiefbescheiden van de met de inning van de omroepbijdragen belaste dienst van Koninklijke PTT Nederland N.V. gaan met ingang van de datum van inwerkingtreding van deze wet over naar de Dienst omroepbijdragen, voor zover zij niet overeenkomstig de Archiefwet 1995 zijn overgebracht naar een archiefbewaarplaats.

ARTIKEL

VII

ARTIKEL

VIII

De inwerkingtreding van deze wet heeft geen gevolgen voor strafrechtelijke procedures die op het tijdstip van inwerkingtreding aanhangig zijn inzake overtredingen als bedoeld in artikel 140 van de Mediawet, zoals dat artikel luidde voor de inwerkingtreding van deze wet.

ARTIKEL

IX

Eventuele naheffingsaanslagen terzake van omzetbelasting, opgelegd aan Koninklijke PTT Nederland N.V., komen voor rekening van de Dienst omroepbijdragen, voor zover deze naheffingen betrekking hebben op goederen of diensten die voor de inwerkingtreding van deze wet zijn geleverd dan wel verricht door de met de inning van de omroepbijdragen belaste dienst van Koninklijke PTT Nederland N.V.

ARTIKEL

X

Onze Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap zendt binnen vijf jaar na de inwerkingtreding van deze wet en vervolgens telkens na vijf jaar aan de Staten-Generaal een verslag van de doeltreffendheid en doelmatigheid van het functioneren van de Dienst omroepbijdragen.

ARTIKEL

XI

Lasten en bevelen dat deze in het Staatsblad zal worden geplaatst en dat alle ministeries, autoriteiten, colleges en ambtenaren wie zulks aangaat, aan de nauwkeurige uitvoering de hand zullen houden.

Gegeven te 's-Gravenhage
Beatrix
De Staatssecretaris van Onderwijs, Cultuur en Wetenschappen, A. Nuis
De Minister van Justitie, W. Sorgdrager