Regeling, houdende voorschriften voor chemicaliëntankschepen, gebouwd op of na 1 juli 1986

Regeling IBC-Code

Artikel

1

Artikel

1a

Artikel

2

Artikel

3

Artikel

4

Op het onderzoek en de certificering van chemicaliëntankschepen zijn de artikelen 10 en 11, tweede en vierde lid, van het besluit van overeenkomstige toepassing.

Artikel

5

Artikel

6

Artikel

7

In aanvulling op de voorschriften in hoofdstuk 10 van de IBC-Code wordt tevens voldaan aan de van toepassing zijnde aanbevelingen voor elektrische installaties, gepubliceerd door de Internationale Elektrotechnische Commissie (IEC), zoals omschreven in de Bekendmaking aan de Scheepvaart van 7 oktober 1986, nr. 204/1986, houdende nadere regels voor elektrische installaties (Stcrt. 199).

Artikel

8

De voetnoot waaraan in lid 3.3.4, van hoofdstuk 3, van de IBC-Code wordt gerefereerd wordt gelezen als volgt:

Verwezen wordt naar de ’Recommendation on Safe Access to and Working in Large Tanks’ (Resolutie A.272(VIII), zoals geamendeerd door Resolutie A.330 (IX)) die is verwerkt in de Bekendmaking aan de Scheepvaart van 20 juli 1982, nr. 175/1982, betreffende de veilige toegang tot tanks op tankschepen (Stcrt. 149).

Artikel

9

Het bepaalde in lid 11.2.1.2, van hoofdstuk 11, van de IBC-Code is uitsluitend toegestaan op chemicaliëntankschepen gebouwd voor 1 januari 1993, waarbij bovendien het gebruik van Halon 2402 niet is toegestaan.

Artikel

10

In aanvulling op lid 13.2.3, van hoofdstuk 13, van de IBC-Code is, indien de bedoelde ontheffing wordt verleend, een aanvullende hoeveelheid perslucht aan boord en wordt op het certificaat een aantekening gemaakt waarin de aandacht wordt gevestigd op het bepaalde in de leden 14.2.4, van hoofdstuk 14, en 16.4.2.2, van hoofdstuk 16, van de IBC-Code.

Artikel

11

Artikel

12

In plaats van het bepaalde in lid 14.2.10, van hoofdstuk 14, van de IBC-Code wordt gelezen:

Aan dek zijn op duidelijk aangegeven plaatsen een of meer ringdouches, alsmede middelen voor het spoelen van de ogen, aanwezig. De douches, voorzien van een bediening door middel van een voetpedaal, zijn aangesloten op de zoetwaterleiding en zijn tijdens het laden en lossen voor onmiddellijk gebruik gereed. De ringdouches en de middelen voor het spoelen van de ogen zijn onder alle weersomstandigheden te gebruiken. De middelen voor het spoelen van de ogen moeten ten genoegen van de inspecteur-generaal worden uitgevoerd.

Artikel

13

De in lid 15.8.30, van hoofdstuk 15, van de IBC-Code bedoelde afstandbedienbare afsluiter behoeft slechts te zijn aangebracht indien daadwerkelijk propyleenoxide zal worden vervoerd.

Artikel

14

In aanvulling op de operationele voorschriften van de IBC-Code:

  • a.

    worden gedurende het laden en lossen alle deuren, patrijspoorten en andere openingen waardoor mogelijk gassen kunnen binnendringen in dekhuizen en opbouwen, gesloten gehouden;

  • b.

    zijn de deuren die gesloten moeten worden gehouden, voorzien van een daartoe strekkend opschrift;

  • c.

    wordt de ventilatie zodanig geregeld dat, rekening houdende met de atmosferische omstandigheden, voorkomen wordt dat gassen in de verblijven en dienstruimten binnendringen;

  • d.

    wordt bij het laden en lossen uitsluitend gebruik gemaakt van de laad- en losleidingen van het schip;

  • e.

    worden slangen met open einden niet gebruikt;

  • f.

    wordt gedurende het laden en lossen zorggedragen dat de mogelijke gevaren, voortvloeiend uit elektrostatische lading, tot een minimum worden beperkt.

Artikel

14a

Artikel

14b

De IBC-Code en de wijzigingen daarop liggen ter inzage bij het Ministerie van Verkeer en Waterstaat.

Artikel

15

Deze regeling treedt in werking met ingang van 1 maart 1997.

Artikel

16

Deze regeling wordt aangehaald als: Regeling IBC-Code. Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst, met uitzondering van de bijlage, die ter inzage wordt gelegd bij het Directoraat-Generaal Scheepvaart en Maritieme Zaken, Bordewijkstraat 4 te Rijswijk, en bij de Scheepvaartinspectie, ’s-Gravenweg 665 te Rotterdam.

’s-Gravenhage
De Minister van Verkeer en Waterstaat, A.Jorritsma-Lebbink