Wet van 30 mei 1997 tot wijziging van de Wet schadeloosstelling leden Tweede Kamer, van de Wet vergoedingen leden Eerste Kamer en van de Wet schadeloosstelling, uitkering en pensioen leden Europese Parlement (wijziging bedragen schadeloosstelling en vergoedingen)

Wijzigingswet Wet schadeloosstelling leden Tweede Kamer, enz. (wijziging bedragen schadeloosstelling en vergoedingen)

Wij Beatrix, bij de gratie Gods, Koningin der Nederlanden, Prinses van Oranje-Nassau, enz. enz. enz.
Allen, die deze zullen zien of horen lezen, saluut! doen te weten:
Alzo Wij in overweging genomen hebben, dat het wenselijk is om de bedragen van de schadeloosstelling en de kostenvergoedingen van de leden van de Tweede Kamer der Staten-Generaal, de bedragen van vergoeding voor de werkzaamheden en de kostenvergoedingen van de leden van de Eerste Kamer der Staten-Generaal, alsmede het bedrag van de schadeloosstelling van de leden van het Europees Parlement, te wijzigen;

Zo is het, dat Wij, de Raad van State gehoord, en met gemeen overleg der Staten-Generaal, hebben goedgevonden en verstaan, gelijk Wij goedvinden en verstaan bij deze:

ARTIKEL

I

Wijzigt de Wet schadeloosstelling leden Tweede Kamer.

ARTIKEL

II

Wijzigt de Wet vergoedingen leden Eerste Kamer.

ARTIKEL

III

Wijzigt de Wet schadeloosstelling, uitkering en pensioen leden Europees Parlement.

ARTIKEL

IV

ARTIKEL

V

Deze wet treedt in werking met ingang van de datum van uitgifte van het Staatsblad waarin zij wordt geplaatst, en werkt terug tot en met 1 januari 1997.

Lasten en bevelen dat deze in het Staatsblad zal worden geplaatst en dat alle ministeries, autoriteiten, colleges en ambtenaren wie zulks aangaat, aan de nauwkeurige uitvoering de hand zullen houden.

Gegeven te 's-Gravenhage
Beatrix
De Minister van Binnenlandse Zaken, H. F. Dijkstal
De Minister van Justitie, W. Sorgdrager