-
1°.
van in de handel gebrachte geneesmiddelen en de voor hun bereiding gebruikte substanties, alsmede van de bereiding van geneesmiddelen in hun farmaceutische vorm;
-
2°.
van de natuurkundige, scheikundige, biologische en microbiologische controle op geneesmiddelen;
-
3°.
van het metabolisme, de uitwerking van geneesmiddelen, de werking van toxische stoffen en het gebruik van geneesmiddelen;
-
4°.
om wetenschappelijke gegevens omtrent geneesmiddelen te kunnen beoordelen en op grond daarvan ter zake dienende inlichtingen te kunnen verstrekken;
-
5°.
van de regelgeving, voor zover van belang voor de farmaceutische beroepsuitoefening;
-
6°.
van medische hulpmiddelen, voor zover van belang voor de farmaceutische beroepsuitoefening;
-
7°.
van de structuur en de financiering van de gezondheidszorg;
-
8°.
van het opslaan, bewaren en distribueren van geneesmiddelen;
-
9°.
van informatie- en registratiesystemen, informatietechnologie en digitale technologie en bekwaamheden voor de praktische toepassing ervan;
-
10°.
van klinische farmacie en farmaceutische zorg, alsmede de bekwaamheden voor de praktische toepassing ervan;
-
11°.
op het gebied van de volksgezondheid en de gevolgen daarvan voor gezondheidsbevordering en ziektebeheer;
-
12°.
op het gebied van inter- en multidisciplinaire samenwerking, interprofessionele praktijken en communicatie;