Artikel
1
In het onderstaand schema wordt aangegeven bij welke merken en voertuigtypen de meetwaarden afwijken ten opzichte van de in het artikel 2.3.10, derde en vierde lid, van de Regeling permanente eisen, genoemde waarden en condities.
|
Citroen |
ZX en Xantia ZX, Xsara en Xantia |
XU5JP (BFZ) XU7JP (LFZ) |
0,3 0,3 |
0,97-1,03 0,97-1,03 |
1400-1600 1400-1600 |
|
De volgende gebruikers dienen bij het verhoogd toerental te zijn ingeschakeld: Grootlicht, achterruitverwarming, interieur ventilator (hoogste stand) en bij auto's met stuurbekrachtiging maximale stuuruitslag |
|||||
|
Ford |
alle typen |
0,3 |
0,95-1,09 |
2000-3200 |
|
|
fiesta 1.4 i escort 1.4 i orion 1.4 i type CVH |
motor CVH code F6E code F6G code F6F |
0,3 0,3 0,3 0,3 |
0,95-1,09 0,95-1,09 0,95-1,09 0,95-1,09 |
3600-3900 3600-3900 3600-3900 3600-3900 |
|
|
Rover Landrover Mini MG |
alle typen idem idem idem |
0,3 |
0,95-1,09 |
2000-3200 |
|
|
Peugeot |
306 405 405 406 |
XU7JP (LFZ) XU5JP (BFZ) XU7JP (LFZ) XU5JP (BFZ) |
0,3 0,3 0,3 0,3 |
0,97-1,03 0,97-1,03 0,97-1,03 0,97-1,03 |
14000-1600 14000-1600 14000-1600 14000-1600 |
|
De volgende gebruikers dienen bij het verhoogd toerental te zijn ingeschakeld: Grootlicht, achterruitverwarming, interieur ventilator (hoogste stand) en bij auto's met stuurbekrachtiging maximale stuuruitslag |
|||||
|
Toyota |
Carina 1600/1800 |
4AFE 7AFE |
0,3 0,3 |
0,97-1,60 0,97-1,60 |
2400-2600 2400-2600 |
|
Volvo |
400 serie 850 serie 940 serie 960 serie |
0,3 0,3 0,3 0,3 |
0,96-1,04 0,96-1,04 |
2000-3200 2000-3200 2000-3200 2000-3200 |