Wet van 24 december 1997 tot herziening van het afstammingsrecht alsmede van de regeling van adoptie

Wet herziening afstammingsrecht en regeling van adoptie

Wij Beatrix, bij de gratie Gods, Koningin der Nederlanden, Prinses van Oranje-Nassau, enz. enz. enz.
Allen, die deze zullen zien of horen lezen, saluut! doen te weten:
Alzo Wij in overweging genomen hebben, dat het wenselijk is het afstammingsrecht alsmede de regeling van de adoptie te herzien en de daarmee samenhangende bepalingen in het Burgerlijk Wetboek te wijzigen;

Zo is het, dat Wij, de Raad van State gehoord, en met gemeen overleg der Staten-Generaal, hebben goedgevonden en verstaan, gelijk Wij goedvinden en verstaan bij deze:

ARTIKEL

I

Wijzigt Boek 1 van het Burgerlijk Wetboek.

ARTIKEL

II

Wijzigt Boek 1 van het Burgerlijk Wetboek.

ARTIKEL

III

OVERGANGSBEPALING

ARTIKEL

IV

Deze wet treedt in werking op een bij koninklijk besluit te bepalen tijdstip.

Lasten en bevelen dat deze in het Staatsblad zal worden geplaatst en dat alle ministeries, autoriteiten, colleges en ambtenaren wie zulks aangaat, aan de nauwkeurige uitvoering de hand zullen houden.

Gegeven te Het Oude Loo
Beatrix
De Staatssecretaris van Justitie, E. M. A. Schmitz
De Minister van Justitie, W. Sorgdrager