in verband met model statuten als bedoeld in artikel 1, sub e, van de Boekhoudingverordening 1998 van de Nederlandse Orde van Advocaten
1. **
te dezen handelend als ** - hierna te noemen: het Kantoor - en als zodanig het Kantoor vertegenwoordigend;
2. a. ** ;
b. ** ; en
c. ** ,
-
-
dat aan de Advocaten die verbonden zijn aan het Kantoor
-
-
hierna te noemen: Advocaten, of ieder afzonderlijk: Advocaat - uit hoofde van hun beroep gelden en vermogensbestanddelen worden toevertrouwd die niet zijn bestemd voor de Advocaat, maar voor zijn cliënt of enige andere derde, voorzover deze gelden niet kunnen worden aangemerkt als verschotten of griffierechten;
-
-
dat deze gelden en andere vermogensbestanddelen zijn aan te merken als derdengelden in de zin van artikel 1 onder d van de door de Nederlandse Orde van Advocaten uitgevaardigde Boekhoudverordening 1998 - hierna te noemen: de Derdengelden - en zich in civielrechtelijke zin vermengen met het vermogen van de Advocaten respectievelijk zich kunnen vermengen met het vermogen van het Kantoor, tenzij de Derdengelden geheel afzonderlijk zijn ondergebracht;
-
-
dat een advocaat op grond van het in artikel 3 lid 3 van de Boekhoudverordening 1998 verplicht is om een stichting derdengelden ter beschikking te hebben teneinde de Derdengelden afgescheiden te houden van het vermogen van de Advocaat respectievelijk van het Kantoor;
-
-
dat om die reden de Stichting is opgericht;
-
-
dat de Stichting geen andere activiteiten verricht dan het in ontvangst nemen van Derdengelden, het tijdelijk beheren van hetgeen de Stichting heeft ontvangen en het betalen of overdragen van hetgeen de Stichting heeft ontvangen aan de rechthebbenden of degenen die rechthebbenden zullen blijken te zijn;
-
-
dat wordt beoogd alle betalingen van Derdengelden te doen plaatsvinden aan of vanuit de Stichting, met dien verstande dat vermenging slechts zal plaatsvinden waar het betreft de Derdengelden onderling en geen vermenging zal optreden tussen de gelden en het vermogen van de Advocaat respectieveljk van het Kantoor;
-
1.
De Stichting verbindt zich jegens het Kantoor en in het bijzonder jegens de Advocaten van het Kantoor de Der-dengelden in beheer te nemen.
-
2.
Tevens kan de Stichting niet de aan de Advocaten toekomende voorschotten, honoraria, verschotten en griffierechten voor het Kantoor in ontvangst nemen. Zij verbindt zich geen andere activiteiten te verrichten dan hiervoor omschreven, met dien verstande dat de Stichting ter beschikking kan staan voor andere advocaten of andere kantoren, mits het Kantoor daarmee schriftelijk heeft ingestemd.
-
3.
De Advocaat respectievelijk het Kantoor draagt er zorg voor dat de Derdengelden niet aan het Kantoor of aan een Advocaat worden betaald, maar dat een rechtstreekse betaling aan de Stichting plaatsvindt. De Stichting verbindt zich de Derdengelden te beheren en onverwijld aan de rechthebbenden uit te keren.
-
3a
De rechthebbende kan de stichting derdengelden opdragen, bij voorkeur schriftelijk, van het hem toekomende bedrag gelden over te maken op de rekening van de advocaat, zulks ter voldoening van openstaande declaraties. De advocaat ziet er op toe dat de stichting derdengelden pas tot uitbetaling overgaat zodra de rechthebbende een volledig beeld heeft van het verloop van de zaak, van het aan de rechthebbende toekomende bedrag uit hoofde van ten behoeve van hem geïncasseerde gelden en van de hoogte van de declaratie van de advocaat.
-
4.
De Stichting draagt zorg voor het rentedragend uitzetten van de Derdengelden. De rente welke de Stichting over de uitgezette gelden ontvangt komt indien de gelden langer dan acht dagen hebben uitgestaan de rechthebbenden toe verminderd met eventueel gemaakte bankkosten en een vergoeding ter grootte van een/vierde procent van het betrokken bedrag, berekend op jaarbasis.
-
5.
De Stichting is uitsluitend bevoegd gelden over te maken aan de Advocaat wanneer het gelden betreft die voor de Advocaat respectievelijk het Kantoor zijn bestemd.
-
6.
Indien blijkt dat, om welke reden dan ook, de liquiditeiten van de Stichting minder zijn dan overeenkomt met het totaalbedrag van alle aan de Advocaten uit hoofde van hun beroep op dat moment toevertrouwde Derdengelden, is ieder der Advocaten respectievelijk het Kantoor verplicht de liquiditeiten van de Stichting onverwijld aan te vullen tot hetgeen overeenkomt met dat totaalbedrag. Deze verplichting is een hoofdelijke verplichting voor ieder der Advocaten.
Indien de Stichting ter beschikking staat aan meer dan één kantoor, zal de Stichting allereerst de Advocaten verbonden aan het Kantoor respectievelijk het Kantoor zelf aanspreken voor het hiervoor in dit artikel bedoelde tekort, aan wier handelen of nalaten te handelen - zulks ter uitsluitende beoordeling van de Stichting - het tekort te wijten is. Indien blijkt dat het tekort ten dele of geheel te wijten is aan handelen of nalaten te handelen van leden van het bestuur van de Stichting, dan zijn deze bestuursleden aansprakelijk voor de aanzuivering van het tekort voor zover het tekort aan hen te wijten is.
De Stichting is niet bevoegd gelden over te maken aan de Advocaat respectievelijk aan het Kantoor indien en voor zover de in de Stichting aanwezige liquiditeiten minder bedragen dan hetgeen overeenkomt met het totaalbedrag van alle aan de Advocaten uit hoofde van hun beroep op dat moment toevertrouwde Derdengelden.
-
7.
Het Kantoor verricht ten behoeve van de Stichting geen andere diensten dan die welke voor het functioneren van de Stichting onontbeerlijk zijn, te weten bestuursactiviteiten en administratieve werkzaamheden.
-
8.
De Advocaat brengt aan de Stichting geen omzetbelasting in rekening.
-
9.
Het Kantoor ontvangt een jaarlijkse vergoeding van de door hem voor de stichting te verrichten diensten welke gelijk is aan het per het einde van ieder boekjaar blijkende positieve exploitatiesaldo.
-
10.
Het Kantoor zorgt ervoor dat het boekjaar van het Kantoor gelijk is aan het boekjaar van de Stichting.
-
11.
Het bestuur van de Stichting verplicht zich slechts personen tot bestuurslid van de Stichting te benoemen die de onderhavige overeenkomst hebben mede-ondertekend of zich daartoe hebben verplicht.
-
12.
Van iedere tussentijdse wijziging in de overeenkomst en van ontbinding van de overeenkomst moet door partijen kennis worden gegeven aan de Nederlandse Orde van Advocaten alsmede aan de Raad van Toezicht als bedoeld in artikel 1 onder c Boekhoudverordening 1998.
-
13.
De Advocaat respectievelijk het Kantoor geeft aan de Stichting volmacht voor de duur van deze overeenkomst om betalingen in ontvangst te nemen en betalingen te doen, conform het in deze overeenkomst bepaalde. De volmacht kan niet worden herroepen zolang deze overeenkomst niet is geëindigd.
-
14.
Deze overeenkomst kan alleen worden beëindigd met inachtneming van hetgeen in de Boekhoudverordening 1998 is bepaald.
Getekend in ___________ voud te ______________ op ________________