Regeling bevoegdheden secretaris-generaal VROM m.b.t. personeelsaangelegenheden

Regeling bevoegdheden van de secretaris-generaal van VROM met betrekking tot personeelsaangelegenheden

De Minister van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening,
gelet op het Koninklijk Besluit van 18 oktober 1988 (Stb. 1988, 499), houdende regeling van de functie en verantwoordelijkheid van de secretaris-generaal,
alsmede gelet op de Regeling Taken en Bevoegdheden VROM 1998 en de Beschikking taakverdeling tussen secretaris-generaal en de plaatsvervangend secretaris-generaal van 26 juni 1993;

Besluit:

Artikel

1

In dit besluit wordt verstaan onder:

  • 1.

    de secretaris-generaal: de secretaris-generaal van het ministerie van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer;

  • 2.

    het KB van 1988: het Koninklijk Besluit van 18 oktober 1988 (Stb. 1988, 499), houdende regeling van de functie en verantwoordelijkheid van de secretaris-generaal;

  • 3.

    mandaat: de bevoegdheid om in naam van de minister of de staatssecretaris besluiten dan wel beslissingen op bezwaar te nemen dan wel regels vast te stellen;

  • 4.

    diensten:

    • ‐ het directoraat-generaal Milieubeheer;

    • ‐ het directoraat-generaal van de Volkshuisvesting;

    • ‐ de Rijksplanologische Dienst;

    • ‐ de Rijksgebouwendienst.

  • 5.

    de hoofden van de diensten: de directeuren-generaal van de diensten;

  • 6.

    de hoofden van de organisatie-onderdelen: de hoofden van de organisatie-onderdelen die worden vermeld in artikel 4 van de ’Beschikking Organisatie Centrale Sector VROM’;

Artikel

2

Artikel

3

Artikel

4

Aan de secretaris-generaal wordt mandaat verleend tot het vaststellen van regels op het gebied van personeelsaangelegenheden, waaronder wordt verstaan ministeriële regelingen alsmede beleidsregels, die verband houden met zijn taak, zoals is vermeld in het KB van 1988, waarvan naar zijn oordeel en te zijner verantwoordelijkheid vaststelling door de minister of de staatssecretaris niet noodzakelijk is.

Artikel

5

Indien de secretaris-generaal met gebruikmaking van zijn bevoegdheden voortvloeiend uit de artikelen 2, 3 en 4 van dit besluit stukken afdoet, luidt de ondertekening overeenkomstig de in bijlage 1 aangegeven formule.

Artikel

6

De minister kan de bevoegdheden genoemd in dit besluit met onmiddellijke ingang wijzigen of intrekken.

Artikel

7

Dit besluit treedt in werking met ingang van de tweede dag na de dagtekening van de Staatscourant waarin het wordt geplaatst en werkt terug tot en met 1 januari 1998.

Artikel

8

Dit besluit kan worden aangehaald als: Regeling bevoegdheden van de secretaris-generaal van VROM met betrekking tot personeelsaangelegenheden.

Den Haag
De Minister van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer, Margaretha deBoer

1

Indien uitvoering wordt gegeven aan de artikelen 2, 3 of 4 luidt de ondertekening als volgt:

De Minister van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer, dan wel voortvloeiend uit de taakverdeling tussen Minister en Staatssecretaris:

De Staatssecretaris van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer,

voor deze,

de secretaris-generaal,

R. den Dunnen.