Artikel
1
1
In deze regeling wordt verstaan onder:
de als bijlage 1 bij deze regeling opgenomen Code for the Construction and Equipment of Mobile Offshore Drilling Units, vastgesteld bij resolutie A.414(XI) van 15 november 1979 van de Algemene Vergadering van de Intergouvernementele Maritieme Consultatieve Organisatie, zoals gewijzigd bij MSC/Circ.561 van 3 juli 1991 van de Maritieme Veiligheidscommissie van de Internationale Maritieme Organisatie (IMO);
de als bijlage 2 bij deze regeling opgenomen Code for the Construction and Equipment of Mobile Offshore Drilling Units 1989, vastgesteld op 19 oktober 1989 bij resolutie A.649(16) van de Algemene Vergadering van de IMO, zoals gewijzigd bij MSC/Circ.561 van 3 juli 1991 en annex 2 van resolutie MSC.38(63) van de Maritieme Veiligheidscommissie van de IMO.
2
In de MODU-Code 1979 en in de MODU-Code 1989 wordt verstaan onder:
het op 1 november 1974 te Londen tot stand gekomen Verdrag voor de veiligheid van mensenlevens op zee, 1974, met Bijlagen (Trb. 1976, 157) (SOLAS-Verdrag), zoals voor het Koninkrijk uitgevoerd in het Schepenbesluit 1965;
het op 5 april 1966 te Londen tot stand gekomen Verdrag inzake de uitwatering van schepen, 1966, met Bijlagen (Trb. 1966, 275), zoals voor het Koninkrijk uitgevoerd in bijlage I van het Schepenbesluit 1965;
het Hoofd van de Scheepvaartinspectie;
de verjaardatum als bedoeld in artikel 1, eerste lid, van het Schepenbesluit 1965;
al naar gelang het gebruik ’moet’ of ’moeten’.