Wet van 29 april 1998 tot wijziging van een aantal sociale verzekeringswetten strekkend tot verduidelijking van het in die wetten opgenomen begrip verzekerde en de met het verzekerd zijn onlosmakelijk verbonden premieplicht (Wet verduidelijking verzekerings- en premieplicht)

Wet verduidelijking verzekerings- en premieplicht

Wij Beatrix, bij de gratie Gods, Koningin der Nederlanden, Prinses van Oranje-Nassau, enz. enz. enz.
Allen, die deze zullen zien of horen lezen, saluut! doen te weten:
Alzo Wij in overweging genomen hebben, dat het wenselijk is een aantal socialeverzekeringswetten te wijzigen met het oog op de verduidelijking van de verzekeringspositie van personen wier verzekering voortvloeit uit de toepassing van bepalingen van een verdrag of van een besluit van een volkenrechtelijke organisatie en met het oog op de met de verzekering onlosmakelijk verbonden premieplicht op grond van die wetten;

Zo is het, dat Wij, de Raad van State gehoord, en met gemeen overleg der Staten-Generaal, hebben goedgevonden en verstaan, gelijk Wij goedvinden en verstaan bij deze:

HOOFDSTUK

I

WIJZIGING VAN WETTEN

HOOFDSTUK

II

OVERGANGS- EN SLOTBEPALINGEN

ARTIKEL

IX

PREMIEPLICHT ALGEMENE ARBEIDSONGESCHIKTHEIDSWET

Voor de toepassing van artikel 6 van de Wet financiering volksverzekeringen wordt in perioden gelegen voor 1 januari 1998:

  • a.

    mede als verzekerde in de zin van de Algemene Arbeidsongeschiktheidswet, zoals deze wet luidde voor 1 januari 1998, aangemerkt de persoon van wie in die perioden de verzekering voortvloeit uit de toepassing van bepalingen van een verdrag of van een besluit van een volkenrechtelijke organisatie;

  • b.

    niet als verzekerde in de zin van de Algemene Arbeidsongeschiktheidswet, zoals deze wet luidde voor 1 januari 1998, aangemerkt de persoon op wie in die perioden op grond van een verdrag of een besluit van een volkenrechtelijke organisatie de wetgeving van een andere mogendheid van toepassing is.

ARTIKEL

X

PREMIEPLICHT ALGEMENE WEDUWEN- EN WEZENWET

Voor de toepassing van artikel 6 van de Wet financiering volksverzekeringen wordt in perioden gelegen voor 1 juli 1996:

  • a.

    mede als verzekerde in de zin van de Algemene Weduwen- en Wezenwet, zoals deze wet luidde voor 1 juli 1996, aangemerkt de persoon van wie in die perioden de verzekering voortvloeit uit de toepassing van bepalingen van een verdrag of van een besluit van een volkenrechtelijke organisatie;

  • b.

    niet als verzekerde in de zin van de Algemene Weduwen- en Wezenwet, zoals deze wet luidde voor 1 juli 1996, aangemerkt de persoon op wie in die perioden op grond van een verdrag of een besluit van een volkenrechtelijke organisatie de wetgeving van een andere mogendheid van toepassing is.

ARTIKEL

XI

INWERKINGTREDING

Deze wet treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van het Staatsblad waarin zij wordt geplaatst en werkt:

ARTIKEL

XII

CITEERTITEL

Deze wet wordt aangehaald als: Wet verduidelijking verzekerings- en premieplicht.

Lasten en bevelen dat deze in het Staatsblad zal worden geplaatst en dat alle ministeries, autoriteiten, colleges en ambtenaren wie zulks aangaat, aan de nauwkeurige uitvoering de hand zullen houden.

Gegeven te 's-Gravenhage
Beatrix
De Staatssecretaris van Sociale Zaken en Werkgelegenheid, F. H. G. de Grave
De Minister van Justitie, W. Sorgdrager