Regeling stimuliering multimodaal en intermodaal transport 1998

Promit-regeling 1998

De Minister van Verkeer en Waterstaat,

Besluit:

Artikel

1

In deze regeling wordt verstaan onder:

a.
De Minister:

De Minister van Verkeer en Waterstaat;

b.
programmabeheerder:

de organisatie die krachtens mandaat met de uitvoering van deze regeling is belast;

c.
haalbaarheidsproject:

een samenhangend geheel van activiteiten, bestaande uit een analyse en een beoordeling van de mogelijkheden om een logistiek systeem of een verkeers- of vervoerstechniek te ontwikkelen of in de praktijk toe te passen;

d.
onderzoeks- of ontwikkelingsproject: een samenhangend geheel van activiteiten, gericht op:
  • 1)

    het vergroten van het technisch of wetenschappelijk inzicht omtrent een logistiek systeem of een verkeers- of vervoerstechniek, of

  • 2)

    het ontwikkelen of geschikt maken van een logistiek systeem of een verkeers- of vervoerstechniek voor toepassing in de praktijk, of

  • 3)

    het verbeteren van een ontwerp van logistiek systeem of een verkeers- of vervoerstechniek;

e.
praktijkexperiment:

een samenhangend geheel van activiteiten, bestaande uit het treffen van technische of beheersmatige voorzieningen voor zover geheel of nagenoeg geheel bestemd voor het vergroten van het inzicht in de geschiktheid voor toepassing in de praktijk van een logistiek systeem of een verkeers- of vervoerstechniek, alsmede de daarmee samenhangende activiteiten die gericht zijn op het verbeteren van die geschiktheid;

f.
demonstratieproject:

een samenhangend geheel van activiteiten die een technisch en economisch risico inhouden, bestaande uit het door de aanvrager toepassen van logistieke problemen of verkeers- of vervoerstech- nieken die voor Nederland nieuw zijn dan wel een nieuwe toepassing betekenen van deze systemen of technieken, alsmede de daarmee samenhangende activiteiten die gericht zijn op het demonstreren van voorzieningen en de daarmee behaalde resultaten, met inbegrip van het verstrekken van gegevens aan de programmabeheer-der ten behoeve van de verspreiding van kennis omtrent de aard en de resultaten van de voorzieningen;

g.
kennisoverdrachtproject:

een samenhangend geheel van activiteiten, gericht op het overdragen van kennis en informatie, met name aan bedrijven en organisaties op het gebied van verkeer en vervoer;

h.
modal shift:

verandering van vervoersmodaliteit ten gunste van energie- en milieuvriendelijker vervoerswijzen.

Artikel

2

Artikel

3

Een project behoort tot de categorie Nieuwe toetreders tot het spoor indien:

  • a.

    het betrekking heeft op de ontwikkeling van organisatorische of technische maatregelen die een modal shift ten gunste van het vervoer per spoor bevorderen, en

  • b.

    bij de opdracht tot uitvoering van het project een onderneming is betrokken die:

    • 1)

      in het bezit is van een door de Minister van Verkeer en Waterstaat afgegeven erkenning als spoorbedrijf;

    • 2)

      een aanvraag tot toelating bij Railned b.v. heeft ingediend en de procedure tot toelating op het spoor is gestart, en

    • 3)

      een businessplan heeft opgesteld met betrekking tot de te ontwikkelen spoorvervoeractiviteiten, inclusief de financiële onderbouwing daarvan.

Artikel

4

Een project behoort tot de categorie Promit algemeen indien het gericht is op de ontwikkeling van technische of organisatorische maatregelen die modal shift bevorderen en niet behoort tot de in artikel 3 bedoelde categorie.

Artikel

5

Het subsidieplafond dat aan het toekennen van subsidies ingevolge deze regeling wordt gesteld, bedraagt:

  • a.

    voor projecten, behorend tot de in artikel 3 genoemde categorie: f 1,6 miljoen;

  • b.

    voor projecten, behorend tot de in artikel 4 genoemde categorie: f 1,75 miljoen.

Artikel

6

Artikel

7

Artikel

8

Artikel

9

Artikel

10

De subsidie kan worden verleend onder de voorwaarde:

  • a.

    dat het project binnen een bepaald tijdvak wordt uitgevoerd;

  • b.

    dat het project in samenwerking met andere subsidie-ontvangers wordt uitgevoerd;

  • c.

    dat de subsidie-ontvanger zijn medewerking verleend aan een door de programmabeheerder of een door de programmabeheerder aangewezen derde uit te voeren meet- of demonstratie-programma.

Artikel

11

Artikel

12

Behalve de in de Algemene wet bestuursrecht geregelde gevallen kan de subsidie, zolang deze nog niet definitief is vastgesteld, worden ingetrokken indien de subsidie-ontvanger failliet is verklaard, aan hem surseance van betaling is verleend of ten aanzien van hem de schuldsaneringsregeling natuurlijke personen van toepassing is verklaard, dan wel een verzoek daartoe bij de rechtbank is ingediend.

Artikel

13

Artikel

14

Deze regeling treedt in werking met ingang van de tweede dag na dagtekening van de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst.

Den Haag
De Minister van Verkeer en Waterstaat, A. Jorritsma-Lebbink