ARTIKEL
I
Wijzigt de Wet op het primair onderwijs.
Zo is het, dat Wij, de Raad van State gehoord, en met gemeen overleg der Staten-Generaal, hebben goedgevonden en verstaan, gelijk Wij goedvinden en verstaan bij deze:
Wijzigt de Wet op het primair onderwijs.
Wijzigt de Wet op de expertisecentra.
Wijzigt de Wet op het voortgezet onderwijs.
Wijzigt de Wet op het voortgezet onderwijs.
Wijzigt de Wet medezeggenschap onderwijs 1992.
Wijzigt de Wet van 31 mei 1995, Stb. 318, inzake regeling lump sum en decentralisatie rechtspositieregeling v.w.o.-a.v.o.-v.b.o..
Wijzigt de Wet op het primiar onderwijs en de Wet op de expertisecentra.
Voor het schooljaar waarin deze wet in werking treedt, blijven de voorschriften voor het schoolwerkplan zoals die voorafgaand aan de inwerkingtreding van deze wet golden, van toepassing.
Het onderwijs in het schooljaar, bedoeld in het eerste lid, wordt gegeven volgens het schoolwerkplan dat is opgesteld op grond van de voorschriften die voorafgaand aan de inwerkingtreding van deze wet golden.
Indien een bevoegd gezag voor het schooljaar, bedoeld in het eerste lid, op grond van de wetgeving zoals die gold voorafgaand aan de inwerkingtreding van deze wet een nieuw schoolwerkplan moet opstellen, kan het bevoegd gezag een nieuw schoolwerkplan vaststellen op grond van de voorschriften zoals die voorafgaand aan de inwerkingtreding van deze wet golden, met dien verstande dat dit slechts betrekking heeft op het schooljaar waarin deze wet in werking treedt of besluiten die vaststelling achterwege te laten en het onderwijs te geven overeenkomstig het schoolwerkplan dat gold voor het schooljaar voorafgaand aan inwerkingtreding van deze wet, onverminderd artikel VI, onderdeel E, van de wet van 2 juli 1997, tot wijziging van de Wet op het voortgezet onderwijs, de Wet op het hoger onderwijs en wetenschappelijk onderzoek en de Wet educatie en beroepsonderwijs in verband met verbetering van de aansluiting van het voorbereidend wetenschappelijk onderwijs en het hoger algemeen voortgezet onderwijs op het hoger onderwijs (Stb. 322).
Voor zolang de aanspraak op bekostiging van een school voor middelbaar beroepsonderwijs op grond van artikel 12.3.2, derde lid, van de Wet educatie en beroepsonderwijs in stand blijft, kan de uitvoering van een deel van een schoolplan op een school voor ander onderwijs als bedoeld in artikel 19c van de Wet op de expertisecentra en artikel 19c van deel II van de Wet op het voortgezet onderwijs, eveneens plaatsvinden op die school voor middelbaar beroepsonderwijs.
Vervallen.
Een school voor voortgezet onderwijs ontvangt van het Rijk geen vergoeding voor belastingen ter zake van onroerende zaken over de periode 1 januari 1997 tot 1 augustus 1997.
Wijzigt deze wet.
Wijzigt deze wet.
Wijzigt de Wet op het primair onderwijs.
Indien het bij koninklijke boodschap van 14 februari 1997 ingediende voorstel van wet, houdende wijziging van enkele onderwijswetten en technische wijziging van enkele andere wetten in verband met het totstandbrengen van onder meer een Wet op het primair onderwijs en een Wet op de expertisecentra (Kamerstukken I 1997/89, 25 409, nr. 198), tot wet wordt verheven en eerder dan of tegelijk met de onderhavige wet in werking treedt, en de teksten van de Wet op het primair onderwijs, de Wet op de expertisecentra en de Wet op het voortgezet onderwijs in het Staatsblad zijn geplaatst, brengt Onze Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschappen de in de onderhavige wet voorkomende aanhalingen en verwijzingen vóór de plaatsing in het Staatsblad in overeenstemming met de nieuwe nummering van de artikelen, hoofdstukken, titels, afdelingen en paragrafen van de Wet op het primair onderwijs, de Wet op de expertisecentra en de Wet op het voortgezet onderwijs.
Deze wet treedt in werking met ingang van 1 augustus volgend op de datum van uitgifte van het Staatsblad waarin deze wet wordt geplaatst, met uitzondering van de artikelen III, onderdeel J, en IVa, die in werking treden met ingang van de dag na de datum van uitgifte van het Staatsblad waarin deze wet wordt geplaatst, waarbij artikel III, onderdeel J, terugwerkt tot en met 1 januari 1997.
Lasten en bevelen dat deze in het Staatsblad zal worden geplaatst en dat alle ministeries, autoriteiten, colleges en ambtenaren wie zulks aangaat, aan de nauwkeurige uitvoering de hand zullen houden.