Wet van 1 juli 1998, houdende wijziging van de IJkwet in verband met de erkenning van ijkbevoegden

Wijzigingswet IJkwet (erkenning van ijkbevoegden)

Wij Beatrix, bij de gratie Gods, Koningin der Nederlanden, Prinses van Oranje-Nassau, enz. enz. enz.
Allen, die deze zullen zien of horen lezen, saluut! doen te weten:
Alzo Wij in overweging genomen hebben, dat het noodzakelijk is de bepalingen van de IJkwet met betrekking tot de erkenning van ijkbevoegden aan te passen teneinde erin te voorzien dat een dergelijke erkenning niet wordt verleend in strijd met het bij of krachtens het Verdrag tot oprichting van de Europese Gemeenschap bepaalde;

Zo is het, dat Wij, de Raad van State gehoord, en met gemeen overleg der Staten-Generaal, hebben goedgevonden en verstaan, gelijk Wij goedvinden en verstaan bij deze:

ARTIKEL

I

Wijzigt de IJkwet.

ARTIKEL

II

Een erkenning als bedoeld in artikel 26b van de IJkwet die voor de inwerkingtreding van deze wet in strijd met het bij of krachtens het Verdrag tot oprichting van de Europese Gemeenschap bepaalde is verleend, kan door Onze Minister van Economische Zaken worden vernietigd.

ARTIKEL

III

Deze wet treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van het Staatsblad waarin zij wordt geplaatst.

Lasten en bevelen dat deze in het Staatsblad zal worden geplaatst en dat alle ministeries, autoriteiten, colleges en ambtenaren wie zulks aangaat, aan de nauwkeurige uitvoering de hand zullen houden.

Gegeven te 's-Gravenhage
Beatrix
De Minister van Economische Zaken a.i., G. Zalm
De Minister van Justitie, A. H. Korthals