Mandatering van bevoegdheden aan ambtenaren van de Scheepvaartinspectie

De Staatssecretaris van Sociale Zaken en Werkgelegenheid en de Minister van Verkeer en Waterstaat;

Besluiten:

Artikel

1

De ambtenaren van de Scheepvaartinspectie, bedoeld in artikel 10 van de Scheepvaartwet, zijn bevoegd tot:

  • a.

    het beoordelen van aanvragen om een aanwijzing op grond van artikel 20, tweede lid, van de Arbeidsomstandighedenwet 1998 ten behoeve van het certificeren van hijs- en hefwerktuigen en hijs- en hefgereedschappen aan boord van schepen en het adviseren van de Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid ten aanzien van het verlenen van een dergelijke aanwijzing;

  • b.

    het houden van toezicht op de naleving, waaronder begrepen de medewerking aan en de uitvoering van het bepaalde bij of krachtens artikel 20, derde lid, van de Arbeidsomstandig-hedenwet 1998 ten aanzien van de in het eerste lid bedoelde aanwijzing.

    Zij kunnen zonodig ten behoeve van deze taken met betrekking tot de hijs- en hefwerktuigen en hijs-en hefinrichtingen onderzoek verrichten aan boord van schepen.

Artikel

2

Artikel

3

Dit besluit treedt in werking met ingang van heden en werkt terug tot en met 1 januari 1998.

Dit besluit zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.

’s-Gravenhage
De Staatssecretaris van Sociale Zaken en Werkgelegenheid, F.H.G. deGrave DeMinister van Verkeer en Waterstaat,A.Jorritsma-Lebbink