Regeling ontheffing verplichting tot aanwijzing netbeheerder

De Minister van Economische Zaken,

Besluit:

Artikel

1

Criteria voor verlening ontheffing

Artikel

2

Te verstrekken gegevens bij aanvraag

Degene die een ontheffing als bedoeld in artikel 15, tweede lid, van de Elektriciteitswet 1998 aanvraagt, verstrekt aan de Minister van Economische Zaken de volgende gegevens:

  • a.

    de naam en het adres van de aanvrager;

  • b.

    een verklaring dat de aanvrager zelf geen netbeheerder is in de zin van de Elektriciteitswet 1998;

  • c.

    een aanduiding van de geografische grenzen waarbinnen de aanvrager het transport van elektriciteit zal verzorgen;

  • d.

    een opgave van de netbeheerders op wier netten het net van de aanvrager is aangesloten;

  • e.

    een beschrijving van de gehanteerde spanningniveaus en de capaciteit van de verbindingen binnen het net van de aanvrager en van de verbindingen tussen dat net en andere netten;

  • f.

    een opgave van het eindverbruik van elektriciteit per jaar (in kWh) van de aanvrager;

  • g.

    een overzicht van alle afnemers die zijn aangesloten op het net van de aanvrager en die geen onderdeel uitmaken van de rechtspersoon van de aanvrager, waarbij wordt aangegeven:

    • 1º.

      de naam van de afnemers die beschikken over een aansluiting op dat net die een beschikbaar gesteld elektrisch vermogen heeft van meer dan 2 MW per aansluiting, alsmede het aan hen beschikbaar gesteld vermogen en hun eindverbruik van elektriciteit per jaar;

    • 2º.

      het aantal afnemers dat beschikt over een aansluiting op dat net met een totale maximale doorlaatwaarde van meer dan 3°80 A en een beschikbaar gesteld elektrisch vermogen van ten hoogste 2 MW per aansluiting, alsmede het totale aan hen beschikbaar gesteld vermogen en de totale hoeveelheid door hen verbruikte elektriciteit per jaar;

    • 3º.

      het aantal afnemers dat beschikt over een aansluiting op dat net met een totale maximale doorlaatwaarde van ten hoogste 3*80 A, alsmede het totale aan hen beschikbaar gesteld vermogen en de totale hoeveelheid door hen verbruikte elektriciteit per jaar;

  • h.

    een beschrijving van de productie-eenheden die op dat net aangesloten zijn.

Artikel

3

Motivering aanvraag ontheffng

De aanvrager verstrekt de Minister van Economische Zaken voorts andere gegevens dan die bedoeld in artikel 2 die van belang kunnen zijn voor de beoordeling van de aanvraag, bedoeld in artikel 15, tweede lid, van de Elektriciteitswet 1998, waarbij hij, voor zover van toepassing, in ieder geval aandacht besteedt aan:

  • a.

    de relatie tussen het centrale bedrijfsproces van de aanvrager en de elektriciteitsvoorziening;

  • b.

    de bijzondere kenmerken van het net van de aanvrager, zoals het spanningsniveau, het gebruik van gelijkstroom of een grotere of geringere betrouwbaarheid van het net in vergelijking met andere netten;

  • c.

    de aanwezigheid van een optimale energie-infrastructuur waarvan het net van de aanvrager onderdeel uitmaakt.

Artikel

4

Inwerkingtreding

Deze beleidsregel treedt in werking met ingang van de tweede dag na de dagtekening van de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst.

Deze beleidsregel zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.

De Minister van Economische Zaken,
Voor deze:
C.W.M.Dessens , directeur-generaal van Energie