Artikel
1
Ingesteld wordt het overlegplatform tolk- en vertaaldiensten (hierna: het platform).
Besluit:
Ingesteld wordt het overlegplatform tolk- en vertaaldiensten (hierna: het platform).
Het platform heeft tot taak voorstellen te ontwikkelen voor:
het inrichten van één of meer instituten voor opleiding, kwaliteit en certificering voor de tolk- en vertaaldiensten;
het formuleren van de kwaliteitseisen die aan tolken en vertalers kunnen worden gesteld;
het certificeren van tolken en vertalers en het formuleren van de omstandigheden waaronder niet-gecertificeerde tolken of vertalers hun diensten mogen leveren aan Justitie en andere overheden;
het formuleren van omstandigheden waaronder en de procedure waarlangs een tolk of vertaler kan worden gewraakt;
het organiseren van en het toezicht houden op de gecoördineerde verdeling van de schaarse tolk- en vertaaldiensten, in het bijzonder indien deze schaarste zich acuut voordoet.
Het platform heeft voorts de opdracht een implementatieplan voor te bereiden op basis waarvan de in artikel 2 bedoelde voorstellen kunnen worden doorgevoerd.
Het platform hanteert de aanbevelingen van het rapport ’Met recht tolken en vertalen’ als uitgangspunt voor zijn aanbevelingen.
Het platform is als volgt samengesteld:
als lid tevens voorzitter:
mevrouw drs. M.A.C. Galesloot MBA (directeur-generaal Preventie, Jeugd en Sancties van het ministerie van Justitie)
als leden:
de heer H.M.M. Abdel Gawad, namens de Kring van Tolken in Vreemdelingenzaken;
mevrouw T. Bedaux, secretaris van het Overleg Orgaan Gezondheidszorg Migranten namens dat overleg;
de heer drs. P. Benders directeur van de Stichting Rechtsbijstand Asiel te Den Bosch, namens de raden voor rechtsbijstand;
mevrouw J.E. van den Berg, namens de Stichting Tolkenbond;
mevrouw P.A.L. Bosscha Erdbrink-Kuijpers, namens de Vereniging van SIGV gerechtstolken en juridisch vertalers;
mevrouw N. Collard, werkzaam bij de IND;
de heer mr. P.H.A.J. Cremers, advocaat-generaal bij het gerechtshof te Arnhem;
de heer mr. H.H.M. van Dijk, advocaat en procureur te Uden namens de Nederlandse Orde van Advocaten;
mevrouw drs. A. van Duijn, projectcoördinator van de Stichting Instituut van Gerechtstolken en -vertalers;
de heer drs. E.C. de Gast, beleidsmedewerker op de afdeling Asielgerechtigden bij de Directie Coördinatie Integratiebeleid Minderheden van het ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties;
de heer ir. J.I.M. de Goeij, directeur GGD Midden Brabant;
de heer M. de Goeij, namens de Federatie voor MeerTalige Communicatie, MetaCom;
mevrouw E.I. Heertje, namens het Nederlands Genootschap van Vertalers;
de heer drs. O.C.M.J. Kee, stafmedewerker patiëntenvoorlichting van het Elkerliek Ziekenhuis te Helmond, namens de Nederlandse Vereniging van Ziekenhuizen;
de heer drs. G. Kerkhof, voorzitter Directeurenoverleg Tolkencentra, namens de Tolkencentra;
mevrouw H. Keyzer-Lambooy, ITV Hogeschool voor tolken en vertalen;
de heer R. Leushuis, hoofd van de afdeling Vertalingen van de CRI;
de heer drs. H.W.S.M. Nuijten, gemeentesecretaris van de gemeente Deurne, namens de Vereniging van Nederlandse Gemeenten;
de heer drs. J.W.A. Rietbergen, werkzaam bij de directie Geestelijke Gezondheidszorg, Verslavingszorg en Maatschappelijke Opvang van het Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport;
mr. T.W.H.E. Schmitz, rechter in de arrondissementsrechtbank te Rotterdam, namens de Nederlandse Vereniging voor Rechtspraak;
de heer drs. E.F. Stoové, directeur Uitvoering bij het Centraal Orgaan opvang asielzoekers;
de heer T.H.J. Yntema, werkzaam bij de IRT Noord en Oost Nederland;
de heer D. Goudart, werkzaam bij de directie Rechtspleging van het Ministerie van Justitie;
de heer drs. G. van Hengel, werkzaam bij de directie Rechtsbijstand en Juridische Beroepen van het Ministerie van Justitie;
als lid tevens plaatsvervangend voorzitter:
de heer mr. G.B. Raaphorst, directeur van de directie Bestuurszaken van het ministerie van Justitie;
als secretaris:
de heer mr. P.J. de Groot, werkzaam bij de directie Bestuurszaken van het ministerie van Justitie;
als adjunct-secretaris:
de heer mr. M.A. Visser, werkzaam bij de directie Bestuurszaken van het ministerie van Justitie.
Het platform zal voor 1 januari 1999 zijn voorstellen doen en voor zover dat niet haalbaar is aangeven wanneer deze voorstellen wel beschikbaar zijn.
Dit besluit wordt gepubliceerd in de Staatscourant.