Wet van 24 december 1998 tot wijziging van de Algemene wet bestuursrecht, de Beroepswet, de Wet administratieve rechtspraak belastingzaken, het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering, de Wet op het hoger onderwijs en wetenschappelijk onderzoek, de Wet op de Raad van State, de Wet op de studiefinanciering, de Wet tarieven in burgerlijke zaken en andere wetten ter verhoging van de opbrengst van de griffierechten (verhoging van de opbrengst van griffierechten)

Wijzigingswet Algemene wet bestuursrecht, enz. (verhoging van de opbrengst van griffierechten)

Wij Beatrix, bij de gratie Gods, Koningin der Nederlanden, Prinses van Oranje-Nassau, enz. enz. enz.
Allen, die deze zullen zien of horen lezen, saluut! doen te weten:
Alzo Wij in overweging genomen hebben, dat het wenselijk is de opbrengst van de verschillende vast rechten en griffierechten te doen verhogen;

Zo is het, dat Wij, de Raad van State gehoord, en met gemeen overleg der Staten-Generaal, hebben goedgevonden en verstaan, gelijk Wij goedvinden en verstaan bij deze:

ARTIKEL

I

Wijzigt de Algemene wet bestuursrecht.

ARTIKEL

II

Wijzigt de Beroepswet.

ARTIKEL

III

Wijzigt de Garantiewet Burgerlijk Overheidspersoneel Indonesië.

ARTIKEL

IV

Wijzigt de Wet administratieve rechtspraak belastingzaken en de Algemene wet inzake rijksbelastingen.

ARTIKEL

V

Wijzigt de Wet buitengewoon pensioen 1940–1945.

ARTIKEL

VI

Wijzigt de Wet buitengewoon pensioen zeelieden-oorlogsslachtoffers.

ARTIKEL

VII

Wijzigt het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering.

ARTIKEL

VIII

Wijzigt de Wet op het hoger onderwijs en wetenschappelijk onderzoek.

ARTIKEL

IX

Wijzigt de Wet op de Raad van State.

ARTIKEL

X

Wijzigt de Wet op de rechtsbijstand.

ARTIKEL

XI

Wijzigt de Wet op de studiefinanciering.

ARTIKEL

XII

WIjzigt de Wet tarieven in burgerlijke zaken.

ARTIKEL

XIII

Wijzigt de Wet uitkeringen burger-oorlogsslachtoffers 1940–1945.

ARTIKEL

XIV

Wijzigt de Wet uitkeringen vervolgingsslachtoffers.

ARTIKEL

XV

ARTIKEL

XVI

De artikelen van deze wet treden in werking op een bij koninklijk besluit te bepalen tijdstip, dat voor de verschillende artikelen of onderdelen daarvan verschillend kan worden vastgesteld.

Lasten en bevelen dat deze in het Staatsblad zal worden geplaatst en dat alle ministeries, autoriteiten, colleges en ambtenaren wie zulks aangaat, aan de nauwkeurige uitvoering de hand zullen houden.

Gegeven te 's-Gravenhage
Beatrix
De Minister van Justitie, A. H. Korthals
De Minister van Justitie, A. H. Korthals