Regeling van de Minister van Verkeer en Waterstaat van 23 april 1999, houdende vaststelling regels met betrekking tot het verstrekken van subsidie ten behoeve van experimenten met eindgebruikers subsidiëring in VINEX-locaties

Experimentenregeling eindgebruikerssubsidiëring VINEX-locaties

De Minister van Verkeer en Waterstaat,

Besluit:

§

1

Algemene bepalingen

Artikel

1

In deze regeling wordt verstaan onder:

  • a.

    minister: de Minister van Verkeer en Waterstaat;

  • b.

    programmabeheerder: de minister, dan wel voorzover een orgaan of een rechtspersoon met de uitvoering van deze regeling is belast, dat orgaan of die rechtspersoon;

  • c.

    vervoerder: een vervoerder als bedoeld in artikel 1, onder k, van de Wet personenvervoer 2000.

  • d.

    ondernemer: een natuurlijke persoon of rechtspersoon, niet zijnde een rechtspersoon die krachtens publiekrecht is ingesteld, die een onderneming in stand houdt;

  • e.

    programma: een programma als bedoeld in artikel 3;

  • f.

    locatie: de voor het experiment aangewezen gehele of gedeeltelijke VINEX-locatie gelegen in de gemeenten Utrecht, Vleuten-De Meern, Barendrecht, Albrandswaard, Eindhoven en Veldhoven;

  • g.

    reisgebied: het in het programma voor het experiment aangewezen reisgebied;

  • h.

    wijk: het in het programma voor het experiment aangewezen gedeelte van de locatie;

  • i.

    inwoner: degene die als ingezetene in de gemeentelijke basisadministratie persoonsgegevens staat ingeschreven op een adres dat is gelegen in een wijk;

  • j.

    werknemer: degene die een dienstverband heeft met een onderneming of instelling, die in het programma aangewezen is of gelegen is in een aangewezen bedrijventerrein, en daarvoor werkzaam is in de locatie, niet zijnde een inwoner als bedoeld onder g;

  • k.

    VINEX-eenheden: de betaaleenheden die de inwoner of werknemer ontvangt.

Artikel

2

Deze regeling is van toepassing op een experiment waarbij het door subsidieontvangers in een reisgebied verrichte vervoer of aan het vervoer gerelateerde activiteit wordt gesubsidieerd door middel van het verstrekken van VINEX-eenheden aan inwoners en werknemers waarmee dat vervoer of die activiteit geheel of ten dele kan worden betaald.

Artikel

3

Artikel

4

De minister bepaalt op welke wijze en onder welke voorwaarden VINEX-eenheden kunnen worden verstrekt.

§

2

Subsidieverlening

Artikel

5

Artikel

6

De subsidie, bedoeld in artikel 5, eerste lid, wordt slechts verleend indien:

  • a.

    er wordt voldaan aan de in het programma opgenomen functionele en technische specificaties;

  • b.

    de vervoerder beschikt over een vergunning als bedoeld in artikel 4 van de Wet personenvervoer 2000, en;

  • c.

    er door de aanvrager een of meerdere vervoersconcepten zijn opgesteld die tenminste bevatten een beschrijving van de wijze waarop de activiteit wordt uitgevoerd, het geboden serviceniveau, de wijze van betaling en de prijs.

Artikel

8

Artikel

9

Een aanvraag wordt in ieder geval afgewezen indien de aanvraag niet voldoet aan deze regeling en het programma.

Artikel

10

Bij de subsidieverlening kunnen verplichtingen worden opgelegd, die:

  • a.

    strekken tot verwezenlijking van het doel van de subsidie, of

  • b.

    betrekking hebben op de wijze waarop of de middelen waarmee de gesubsidieerde activiteit wordt verricht.

Artikel

11

De subsidieontvanger is verplicht:

  • a.

    bij het verrichten van het vervoer of de activiteit te beschikken over de daarvoor nodige vergunningen, ontheffingen en certificaten;

  • b.

    een sluitende administratie te voeren die zodanig is ingericht, dat daaruit te allen tijde op eenvoudige en duidelijke wijze kan worden afgelezen de activiteit en voor zover daarop van toepassing de afgelegde afstand, het in rekening gebrachte tarief, het contactmoment van de chipkaart, de in- en uitstaplocatie en de van de chipkaart afgewaardeerde VINEX-eenheden;

  • c.

    bij het wijzigen van vervoersconcept daarvan schriftelijk mededeling te doen aan de minister;

  • d.

    onverwijld nadat een verzoek tot verlening van surséance van betaling of faillietverklaring van hem bij de rechtbank is ingediend, daarvan schriftelijk mededeling te doen aan de minister;

  • e.

    op verzoek van de minister medewerking te verlenen aan openbaarmaking van de gegevens en de resultaten van de activiteit, met uitzondering van vertrouwelijke bedrijfsgegevens, en;

  • f.

    medewerking te verlenen aan een door of vanwege de minister ter zake van het experiment ingesteld evaluatie-onderzoek.

§

3

Subsidievaststelling

Artikel

12

Artikel

13

In afwijking van paragraaf 5 kan de minister de subsidie zonder voorafgaande verlening vaststellen.

§

4

Voorschotten

Artikel

14

§

5

Slotbepalingen

Artikel

15

Deze regeling treedt in werking met ingang van de tweede dag na de dagtekening van de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst, en vervalt met ingang van 31 december 2003.

Artikel

16

Deze regeling wordt aangehaald als: Experimentenregeling eindgebruikerssubsidiëring VINEX-locaties.

Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.

De Minister van Verkeer en Waterstaat,T.Netelenbos