Vrijstellingsregeling grondverzet

Vrijstellingsregeling grondverzet

De Minister van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer, handelende in overeenstemming met de Minister van Landbouw, Natuur-beheer en Visserij;

Besluit:

Artikel

1

(definities)

Artikel

2

(vrijstellingen)

Van de volgende artikelen van het Besluit wordt vrijstelling verleend voor het gebruik van licht verontreinigde grond in een grondwerk voor zover dit gebruik plaats vindt in een gebied waarvoor een bodemkwaliteitskaart overeenkomstig het gestelde in artikel 5 is opgesteld en voldaan is aan artikel 3:

Artikel

3

(nieuwe voorwaarden)

Aan de in artikel 2 bedoelde vrijstelling zijn de volgende voorwaarden verbonden:

  • a.

    de grond die wordt gebruikt is van vergelijkbare kwaliteit als of van betere kwaliteit dan de kwaliteit van de bodem ter plaatse, en

  • b.

    de eigenaar of erfpachter van de bodem waarop de grond wordt gebruikt, meldt het gebruik van de grond tenminste 5 werkdagen tevoren aan burgemeester en wethouders.

Artikel

4

(alternatief voor bepalen samenstelling grond)

In afwijking van artikel 9 van het Besluit kan de bodemkwaliteitskaart gebruikt worden voor het vaststellen van de kwaliteit van de te gebruiken grond indien die grond na afgraving zonder verdere bewerkingen, het uitzeven van grove bestanddelen daargelaten, in een grondwerk wordt toegepast.

Artikel

5

(de bodemskwaliteitskaart)

Artikel

6

(de melding)

Artikel

7

Artikel

8

Deze regeling treedt in werking met ingang van 1 oktober 1999 en werkt terug tot en met 1 juli 1999.

Artikel

9

Deze regeling wordt aangehaald als: Vrijstellingsregeling grondverzet.

Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.

’s-Gravenhage
De Minister van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer,J. Pronk