Instellingsbesluit Commissie schadebeoordeling beleidslijn ’Ruimte voor de rivier’

De Minister van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer,
overwegende dat;
  • op 22 januari 1997 in het overleg met de Tweede Kamer door de Minister van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer mede namens de Minister van Verkeer en Waterstaat toezeggingen zijn gedaan over regeling van de vergoeding van de eventuele planschade, die ontstaat door de implementatie van de Beleidslijn ’Ruimte voor de rivier’;

  • op 7 juli 1997 de Minister van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer in de brief aan de voorzitter van de Tweede Kamer de bestuurlijke afspraken tussen het Rijk, het Interprovinciaal Overleg en de Vereniging van Nederlandse Gemeenten terzake van de door het Rijk te vergoeden schade ter uitvoering van de Beleidslijn heeft vastgelegd;

  • in paragraaf 3.4 sub c van het op 4 maart 1999 ondertekende bestuursakkoord tussen Rijk, het Interprovinciaal Overleg en de Vereniging van Nederlandse Gemeenten de afspraak is opgenomen dat een schadecommissie ter uitvoering van de beleidslijn ’Ruimte voor de rivier’ wordt ingesteld;

  • ter uitvoering van die afspraken een schadecommissie moet worden ingesteld,

Besluit:

Begripsomschrijvingen

Artikel

1

In dit besluit wordt verstaan onder:

a.
de Minister:

de Minister van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer;

b.
de Beleidslijn:

de Beleidslijn ’Ruimte voor de rivier’, gepubliceerd in de Staatscourant van 19 april 1996, nr. 77, en zoals gewijzigd en laatstelijk gepubliceerd in de Staatscourant van 12 mei 1997, nr. 87;

c.
gemeente:

een gemeente op wier grondgebied wateren aanwezig zijn waarop de Beleidslijn overeenkomstig bijlage 1 van die Beleidslijn van toepassing is;

d.
de commissie:

de commissie schadebeoordeling beleidslijn ’Ruimte voor de rivier’, bedoeld in artikel 2;

f.
schade:

inkomens- of vermogensschade die redelijkerwijs niet of niet geheel ten laste van een persoon behoort te blijven en waarvan de vergoeding niet of niet voldoende door aankoop, onteigening of anderszins is verzekerd.

g.
hogere kosten:

de hogere kosten, bedoeld in artikel 31a van de Wet;

h.
de verzoeker:

de natuurlijke persoon of de privaatrechtelijke of de publiekrechtelijke rechtspersoon die een verzoek om schadevergoeding of vergoeding van de hogere kosten indient.

Commissie schadebeoordeling

Artikel

2

Er is een commissie schadebeoordeling Beleidslijn ’Ruimte voor de rivier’.

Instellingstermijn commissie

Artikel

3

De commissie wordt ingesteld voor de duur van 5 jaar, te rekenen vanaf de datum van de benoeming van de leden.

Taakomschrijving

Artikel

4

Samenstelling van de commissie

Artikel

5

Bevoegdheden en verplichtingen

Artikel

6

De beslissing op het verzoek om schadevergoeding of vergoeding van de hogere kosten

Artikel

7

Werkwijze van de commissie

Artikel

8

De commissie regelt haar wijze van werken in een door haar vast te stellen reglement.

Tevens regelt zij de door haar te volgen procedure bij de behandeling van de aan de commissie voorgelegde aanvragen om advies.

De commissie maakt haar wijze van werken en de door haar te volgen procedure bekend aan de gemeenten die zijn belast met de implementatie van de Beleidslijn en aan de verzoeker.

Artikel

9

a de vaststelling van haar advies, zendt de commissie een afschrift daarvan aan de verzoeker.

Vergoeding

Artikel

10

Aan de leden wordt ten laste van het Rijk een vergoeding toegekend voor het bijwonen van vergaderingen en de gemaakte reis- of verblijfkosten. Een plaatsopneming wordt beschouwd als een vergadering.

Ondersteuning

Artikel

11

Publicatie en inwerking

Artikel

12

Dit besluit wordt met de toelichting in de Staatscourant geplaatst.

Dit besluit treedt in werking met ingang van de tweede dag na de dagtekening van de Staatscourant waarin het wordt geplaatst.

Dit besluit kan worden aangehaald als: Instellingsbesluit Commissie schadebeoordeling beleidslijn ’Ruimte voor de rivier’.

’s-Gravenhage
De Minister van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer, J.P.Pronk