Artikel
1
In dit besluit en de daarop berustende bepalingen wordt verstaan onder:
-
a.
richtlijn nr. 72/462/EEG: richtlijn van de Raad van de Europese Gemeenschappen van 12 december 1972 inzake gezondheidsvraagstukken en veterinairrechtelijke vraagstukken bij de invoer van runderen, varkens, schapen en geiten, van vers vlees of van vleesproducten uit derde landen (PbEG L 302);
-
b.
richtlijn nr. 97/78/EG: richtlijn van de Raad van de Europese Unie van 18 december 1997 tot vaststelling van de beginselen voor de organisatie van de veterinaire controles voor producten die uit derde landen in de Gemeenschap worden binnengebracht (PbEG 1998, L 24);
-
c.
richtlijn nr. 64/433/EEG: richtlijn van de Raad van de Europese Gemeenschappen van 26 juli 1964 betreffende de gezondheidsvoorschriften voor de productie en het in de handel brengen van vers vlees (PbEG L121);
-
d.
richtlijn nr. 91/495/EEG: richtlijn van de Raad van de Europese Gemeenschappen van 27 november 1990 inzake gezondheidsvoorschriften en veterinairrechtelijke voorschriften voor de productie en in de handel brengen van konijnenvlees en vlees van gekweekt wild (PbEG 1991, L 268);
-
e.
richtlijn nr. 92/45/EEG: richtlijn van de Raad van de Europese Gemeenschappen van 16 juni 1992 betreffende de gezondheidsvoorschriften en veterinairrechtelijke voorschriften voor het doden van vrij wild en het in de handel brengen van vlees van vrij wild (PbEG L 268);
-
f.
richtlijn nr. 92/118/EEG: richtlijn van de Raad van de Europese Gemeenschappen van 17 december 1992 tot vaststelling van de veterinairrechtelijke en de gezondheidsvoorschriften voor het handelsverkeer en de invoer in de Gemeenschap van producten waarvoor ten aanzien van deze voorschriften geen specifieke communautaire regelgeving geldt als bedoeld in bijlage A, hoofdstuk I, van Richtlijn 89/662/EEG, en, wat ziekteverwekkers betreft, van Richtlijn 90/425/EEG (PbEG 1993, L 62);
-
g.
richtlijn nr. 94/65/EG: richtlijn van de Raad van de Europese Unie van 14 december 1994 tot vaststelling van voorschriften voor de productie en het in de handel brengen van gehakt vlees en vleesbereidingen (PbEG L368);
-
h.
richtlijn nr. 77/96/EEG: richtlijn van de Raad van de Europese Gemeenschappen van 21 december 1976 inzake het opsporen van trichinen bij de invoer van vers vlees van varkens, huisdieren, uit derde landen (PbEG 1977, L 26);
-
i.
richtlijn nr. 90/675/EEG: richtlijn van de Raad van de Europese Gemeenschappen van 10 december 1990 tot vaststelling van de beginselen voor de organisatie van de veterinaire controles voor producten uit derde landen die in de Gemeenschap worden binnengebracht (PbEG L 373);
-
j.
richtlijn nr. 96/23/EG: richtlijn van de Raad van de Europese Unie van 29 april 1996 inzake controlemaatregelen ten aanzien van bepaalde stoffen en residuen daarvan in levende dieren en in producten daarvan en tot intrekking van de Richtlijnen 85/358/EEG en 86/469/EEG en de Beschikkingen 89/187/EEG en 91/664/EEG (PbEG L125);
-
k.
richtlijn nr. 89/662/EEG: richtlijn van de Raad van de Europese Gemeenschappen van 11 december 1989 inzake veterinaire controles in het intracommunautaire handelsverkeer in het vooruit zicht van de totstandbrenging van de interne markt (PbEG L 395);
-
l.
invoer: het in het vrije verkeer brengen van producten alsmede het voornemen tot het in het vrije verkeer brengen van producten in de zin van artikel 79 van Verordening (EEG) nr. 2913/92 van de Raad van de Europese Gemeenschappen van 12 oktober 1992 tot vaststelling van het communautaire douanewetboek;
-
m.
vlees: alle, in beginsel voor menselijke consumptie geschikte delen van:
-
1°.
als landbouwhuisdieren gehouden runderen (soort Bubalus bubalis en Bison bison daaronder begrepen), varkens, schapen, geiten en eenhoevigen,
-
2°.
gekweekt wild, zijnde niet-gedomesticeerde landzoogdieren met uitzondering van lagomorfen, die niet worden vermeld onder 1, die in gevangenschap zijn gekweekt, gehouden en geslacht, en
-
3°.
vrij wild, zijnde bejaagde niet-gedomesticeerde landzoogdieren (met inbegrip van niet-gedomesticeerde zoogdieren die in een gesloten gebied leven met dezelfde vrijheid als vrij wild) met uitzondering van lagomorfen, die niet in gevangenschap zijn gekweekt, gehouden en geslacht;
-
1°.
-
n.
separatorvlees: vlees van slachtdieren als genoemd in onderdeel m, onder 1, 2 en 3, dat machinaal is afgescheiden van beenderen met daaraan vastzittend vlees;
-
o.
gehakt vlees: vlees dat in kleine stukken is gehakt of door een gehaktmolen is gehaald en waaraan ten hoogste 1% zout is toegevoegd;
-
p.
vleesproducten: producten vervaardigd met of van zodanig behandeld vlees dat, aan de hand van het snijvlak van de hartdoorsnijding, de verdwijning van de kenmerken van vers vlees kan worden geconstateerd;
-
q.
vleesbereidingen: vlees in de zin van artikel 2 van richtlijn nr. 64/433/EEG en nr. 92/45/EEG, alsmede vlees dat voldoet aan artikel 6 van richtlijn nr. 91/495/EEG, waaraan levensmiddelen, kruiden of additieven zijn toegevoegd of dat een behandeling heeft ondergaan in een mate die niet volstaat om de inwendige celstructuur van het vlees te veranderen en aldus de kenmerken van vers vlees te doen verdwijnen;
-
r.
producten van dierlijke oorsprong: vlees, gehakt vlees, vleesbereidingen, vleesproducten en andere producten van dierlijke oorsprong;
-
s.
andere producten van dierlijke oorsprong:
-
1°.
vleesextract,
-
2°.
gesmolten dierlijke vetten, dat wil zeggen voor menselijke consumptie bestemde vetten die afkomstig zijn van het smelten van vlees, met inbegrip van de beenderen,
-
3°.
kanen, dat wil zeggen eiwithoudend residu van het smeltproces, na gedeeltelijke afscheiding van vet en water,
-
4°.
gelatine,
-
5°.
vleesmeel, zwoerd in poeder, gezouten of gedroogd bloed en gezouten of gedroogd bloedplasma, en
-
6°.
gereinigde magen, blazen en darmen, geblancheerd, gezouten of gedroogd;
-
1°.
-
t.
behandeling: chemisch of fysisch procédé, zoals verhitten, roken, zouten, marineren, doorzouten of drogen, om het vlees of de producten van dierlijke oorsprong al dan niet samen met andere levensmiddelen, langer te kunnen conserveren, of een combinatie van deze verschillende procédés;
-
u.
Onze Minister: Onze Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport;
-
v.
derde land: ander land dan een van de lidstaten van de Europese Unie;
-
w.
bevoegde autoriteit: de centrale autoriteit van een lidstaat die bevoegd is tot het verrichten van de veterinaire controles of de autoriteit waaraan de centrale autoriteit deze bevoegdheid heeft overgedragen;
-
x.
vrij-wildverwerkingsinrichting: een inrichting waar het vrij wild wordt behandeld en het vlees van vrij wild wordt verkregen en gekeurd;
-
y.
speciale noodslachting: het doden, op last van een dierenarts, wegens een ongeval of ernstige lichamelijke en functionele stoornissen;
-
z.
karkas: het uitgebloede gehele slachtdier dat is ontdaan van de ingewanden, waarvan de poten zijn afgesneden ter hoogte van het voorkniegewricht en het spronggewricht, en waarvan de kop, de staart en de uier zijn verwijderd, met uitzondering van varkens, waarbij de poten niet ter hoogte van het voorkniegewricht en het spronggewricht behoeven te worden afgesneden en de kop niet behoeft te worden verwijderd, wanneer het vlees bestemd is om te worden behandeld overeenkomstig de regelen gesteld krachtens richtlijn no.77/96/EEG. Voor runderen, schapen, geiten en eenhoevigen betreft het karkassen na het onthuiden;
-
aa.
slachtafval: vlees dat geen deel uitmaakt van het karkas als omschreven onder z, ook indien het op natuurlijke wijze met het karkas verbonden blijft;
-
ab.
ingewanden: het slachtafval in de borst-, buik- en de bekkenholte, met inbegrip van de luchtpijp en de slokdarm;
-
ac.
werkplaats: elke uitsnijderij of inrichting voor de productie van gehakt vlees die voldoet aan de eisen genoemd in bijlage I, hoofdstuk I, van richtlijn nr. 94/65/EG;
-
ad.
kant- en klaargerechten: vleesproducten die overeenstemmen met gekookte of voorgekookte culinaire bereidingen, in onmiddellijke verpakking en door koude geconserveerd;
-
ae.
onmiddellijke verpakking: het beschermen van vleesproducten, vleesbereidingen of andere producten van dierlijke oorsprong, door middel van een eerste omhulsel of een eerste bergingsmiddel dat rechtstreeks in contact komt met het betrokken product, alsmede het eerste omhulsel of het eerste bergingsmiddel zelf;
-
af.
eindverpakking: het plaatsen van een of meer vleesproducten, vleesbereidingen of andere producten van dierlijke oorsprong die al dan niet van een onmiddellijke verpakking zijn voorzien, in een bergingsmiddel, alsmede het bergingsmiddel zelf;
-
ag.
hermetisch gesloten recipiënt: bergingsmiddel dat geen lucht doorlaat en bestemd is om de inhoud tijdens en na de hittebehandeling te beschermen tegen het binnendringen van micro-organismen.