Artikel
1
Voor de toepassing van deze regeling wordt, voor zover nodig in afwijking van het Voertuigreglement, verstaan onder:
personen- of bedrijfsauto, waarvan de constructie woonaccommodatie bevat die tenminste bestaat uit de volgende uitrusting:
1° zitplaatsen en tafel,
2° slaapaccommodatie die met behulp van de zitplaatsen kan worden gecreëerd,
3° kookgelegenheid, en
4° opbergfaciliteiten,
welke vast in de woonafdeling zijn bevestigd, met dien verstande dat de tafel zodanig mag zijn ontworpen dat zij gemakkelijk kan worden verwijderd;
motorrijtuig, bestemd en speciaal uitgerust voor het vervoer van overledenen;
motorrijtuig, bestemd voor de bescherming van te vervoeren passagiers of goederen, dat voldoet aan de voorschriften inzake kogelwerende bepantsering;
massa van het voertuig met carrosserie, in bedrijfsklare toestand, met inbegrip van koelvloeistof, smeermiddelen, brandstof, reservewiel, gereedschap en bestuurder; voor het vaststellen van de massa moet de brandstoftank voor 90% zijn gevuld en moeten de andere systemen waarin zich vloeistof bevindt, uitgezonderd die voor gebruikt water, voor 100% van de inhoud volgens de fabrieksopgave zijn gevuld, en wordt het gewicht van de bestuurder op 75 kg gesteld.