Regeling low location lighting

Regeling low location lighting

De Minister van Verkeer en Waterstaat,
Handelende in overeenstemming met de Minister van Verkeer en Vervoer van de Nederlandse Antillen en de Minister van Vervoer en Communicatie van Aruba;
Gelet op artikel 28, eerste lid, onderdeel 10, en artikel 41b, vierde lid, onderdeel 7, van bijlage IV van het Schepenbesluit 1965;

Besluit:

Artikel

2

De extra noodverlichting, bedoeld in artikel 28, eerste lid, onderdeel 10, van Bijlage IV van het Schepenbesluit 1965, is uitgevoerd, beproefd en aangebracht conform de Guidelines for the evaluation, testing and application of low-location lighting on passengerships, zoals vastgesteld bij de als bijlage bij deze regeling opgenomen resolutie A.752(18) van 4 november 1993 van Algemene Vergadering van de Internationale Maritieme Organisatie.

Artikel

3

Deze regeling treedt in werking met ingang van de eerste dag van de tweede kalendermaand na de dagtekening van de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst.

Artikel

4

Deze regeling wordt aangehaald als: Regeling low location lighting.

Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant, in de Curaçaosche Courant en in het Afkondigingsblad van Aruba worden geplaatst, met uitzondering van de bijlage, die in Nederland ter inzage wordt gelegd bij het Ministerie van Verkeer en Waterstaat, in de Nederlandse Antillen bij het Departement Scheepvaart en Maritieme Zaken en in Aruba bij de Directie Scheepvaart.

De Minister van Verkeer en Waterstaat, T. Netelenbos