Verordening gemeenschappelijk secretariaat vorderingen landbouwschap 2000

Verordening gemeenschappelijk secretariaat vorderingen Landbouwschap 2000

De besturen van
het Hoofdproductschap Akkerbouw, in zijn vergadering van 9 november 2000,
het Productschap Tuinbouw, in zijn vergadering van 14 november 2000,
het Productschap Pluimvee en Eieren, in zijn vergadering van 16 november 2000
het Productschap Vee en Vlees, in zijn vergadering van 8 november 2000,
het Productschap Zuivel, in zijn vergadering van 15 november 2000, hebben,
gelet op de artikelen 109 t/m 114 van de Wet op de bedrijfsorganisatie en op de Verordening aanwijzing productschappen van de Sociaal-Economische Raad, de volgende verordening vastgesteld.

Artikel

1

Begripsbepaling

In deze verordening wordt verstaan onder:

a.

wet

Wet op de bedrijfsorganisatie

b.

instellende productschappen

het Hoofdproductschap Akkerbouw, het Productschap Tuinbouw, het Productschap Pluimvee en Eieren, het Productschap Vee en Vlees en het Productschap Zuivel

c.

bestuur

bestuur van het Gemeenschappelijk secretariaat vorderingen Landbouwschap

Artikel

2

De voorziening

Artikel

3

De taak

Het gemeenschappelijk secretariaat verricht uit hoofde van de Verordening aanwijzing productschappen van de Sociaal-Economische Raad ten behoeve van de instellende productschappen alle uitvoerende werkzaamheden ter zake van de invordering van de aan het Landbouwschap ten tijde van zijn formele beëindiging nog verschuldigde geldschulden met inbegrip van de daarmee samenhangende rechtsvorderingen.

Artikel

4

Het bestuur

Artikel

5

Voorzitter

Artikel

6

Vergoedingen

Op de leden en plaatsvervangende leden van het bestuur is de Verordening vacatiegeld en reis- en verblijfkosten Akk 1983 van het Hoofdproductschap Akkerbouw van overeenkomstige toepassing

Artikel

7

Inrichting

Artikel

8

Werkwijze

Het secretariaat verricht alle rechtshandelingen die noodzakelijk zijn om de verschuldigde geldsommen bedoeld in artikel 3 te kunnen innen.

Artikel

9

Geldmiddelen

Artikel

10

Opheffing

Het gemeenschappelijk secretariaat kan door de instellende productschappen worden opgeheven wanneer naar het oordeel van het bestuur redelijkerwijs geen substantiële geldsommen meer kunnen worden geïnd.

Artikel

11

Slotbepalingen

Deze verordening treedt in werking op het tijdstip waarop de Verordening aanwijzing productschappen van de Sociaal-Economische Raad in werking treedt. Indien de Nederlandse Staatscourant waarin deze verordening wordt geplaatst, wordt uitgegeven na het in de eerste volzin bedoelde tijdstip, treedt zij in werking met ingang van de tweede dag na de dagtekening van de Nederlandse Staatscourant waarin zij wordt geplaatst en werkt terug tot en met het in de eerste volzin bedoelde tijdstip.

Deze verordening wordt eveneens geplaatst in het Verordeningenblad Bedrijfsorganisatie.

Artikel

12

Deze verordening wordt aangehaald als: Verordening gemeenschappelijk secretariaat vorderingen Landbouwschap 2000.

HOOFDPRODUCTSCHAP AKKERBOUW
voor het bestuur,
drs. J.H.M. Kienhuis voorzitter
mr. R.J.M. ten Berge secretaris
PRODUCTSCHAP TUINBOUW
voor het bestuur,
J. van der Veen voorzitter
drs. M. van ‘t Riet secretaris
PRODUCTSCHAP PLUIMVEE EN EIEREN
voor het bestuur,
ir. R.J. Tazelaar voorzitter
drs. S.B.M. Jongerius secretaris
PRODUCTSCHAP VEE EN VLEES
voor het bestuur,
ir. R.J. Tazelaar voorzitter
drs. S.B.M. Jongerius secretaris
PRODUCTSCHAP ZUIVEL
voor het bestuur,
ir. G. van den Berg voorzitter
dr. ir. F. Beekman secretaris

Goedgekeurd door de Bestuurskamer van de Sociaal-Economische Raad bij besluit van 22 februari 2001 en door de minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid, mede namens de minister van Landbouw, Natuurbeheer en Visserij, bij beschikking van 6 april 2001, nr. AV/A&M/2001/19524.